Bang zwijgen of boos roepen, that’s the question

Indonesië - Zestigjarige vrouw krijgt 28 Stokslagen als straf om verkoop alcohol
Indonesië – Zestigjarige vrouw krijgt 28 Stokslagen als straf om verkoop alcohol

Zodra lichtvoetigheid en relativiteit verdwijnen en discussies geobsedeerd serieus worden, krijg ik het verlangen mijn ogen en oren te sluiten en me terug te trekken in een veilige cocon.

We namen ons al voor geen aandacht meer te besteden aan narcistisch, exhibitionistische engerdjes zoals de dame-wier-naam-we-niet-meer-willen-vermelden, of aan snotneusjes die ineens geen Nederlander meer willen zijn omdat een bejaarde marktkoopman ze in Marakech welkom thuis heet, of aan nat-achter-de-oren ‘theaterjournalistjes’ die alle ouderen over één kam scheren en beschuldigen van kuchen, telefoons af laten gaan of met oorverdovend kabaal laten vallen van tekstboekjes tijdens uitvoeringen van de Mattheus Passie, of aan besjaalde moslimmeisjes die klagen over discriminatie maar geen bek open doen over hun moslimbroertjes die autochtoon Nederlandse vrouwen uitschelden voor kankerhoer, of gluiperds die een etnisch profilerend partijtje begonnen nadat ze zetels roofden van de PvdA en er niet voor schromen te kotsen in de bron waar ze uit dronken, of aan ramadanzakkenwassers die uitschreeuwen ‘we zijn er nu eenmaal, wen er maar aan’, of aan ondoorgrondelijke redacties van kranten die al deze schreeuwerd een podium bieden, of aan hyperracisten die 24 uur per dag klaaggrammofoonplaten draaien over het blanke racisme, of aan een racistische in Nederland steuntrekkende Antilliaan die Zwarte Piet racistisch vindt, of aan voormalige koloniën in de Cariben die bij het verfoeide moederland financieel aan de borst blijven hangen maar wel klagen over de al 150 jaar geleden opgeheven slavernij, over Antilliaanse racisten die stampvoetend respect eisen en tegelijkertijd een bord met MINDER MAKAMBA’S langs de weg zetten op Bonaire, aan stenengooiende criminele carrièremakers die huilen over etnisch profileren terwijl ze zelf zo racistisch als de pest zijn, aan Marokkaanse meisjes die en bloc wegblijven bij het klasje creativiteit omdat er Turkse meisjes bij gekomen zijn, aan vluchtelingenpubers die vinden dat ‘Hollandse jongens maar moeten leren na de sportles met hun onderbroek aan te douchen’, aan islamistisch antisemitisme….

Ik wil me niet meer druk maken over nieuw in Nederland gesettelde, goed verdienende middenklassers die spugen op onze maatschappij. Ik wil me niet meer druk maken over moslims wier alfabet begint en eindigt met de I van Islamofobie zonder door te hebben dat fobie angst betekent en die angst volkomen logisch is door alle gruwelijkheden die verricht worden uit naam van de islam. Ik wil niet meer somber worden over de ramadanpolitie in Indonesië die een eettentje leegrooft omdat een bejaarde uitbaatster tegen hun zelfverzonnen regels in tijdens de ramadan eten bereidt. Ik wil niet meer piekeren over het onbegrijpelijke partnership tussen de westerse wereld en het achterlijke Saoedie-Arabië waar stok- en zweepslagen en onthoofdingen aan de orde van de dag zijn omdat burgers overspel zouden plegen. Ik wil geen hoofdbrekens meer hebben over de stokslagen die vrouwen in Iran krijgen omdat ze hun haar niet bedekken. Niet meer peinzen over al die in Nederland geboren islamtrutjes die ‘geheel vrijwillig’ het haar bedekken en geen moment nadenken over solidariteit met onderdrukte vrouwen in Arabische landen. Besjaalde meisjes in Nederland die ‘geheel vrijwillig’ met sjaaltjes om op straat koketteren met hun geloof maar zich geen moment afvragen wat hun lot binnen de moslimgemeenschap zal zijn wanneer ze besluiten geen sjaaltje meer te dragen. Ik wil me niet meer ergeren aan Tofik Dibi die in een TV interview de woorden homoseksualiteit en homofilie niet uit zijn islamitische muil kan krijgen maar het heeft over ‘wat ik heb’. Wat ik heb? Alsof het een ziekte is NONDEJU.

Moet ik somber worden van een Amerikaans-Afghaanse homo die 50 andere homo’s afslacht om aan zijn fantasie-allah te bewijzen dat hij braaf volgens de koran leeft en niet pijpte en gepijpt werd? Moet ik me druk maken over de stiekeme moslims die stijf in het pak zomers glurend langs de vloedlijn van de Nederlandse naaktstranden lopen? Wat maken mij die honderden Arabische schoften uit die hun klauwen niet van westerse vrouwen, die kankerhoeren, af kunnen houden tijdens massa manifestaties? Moet ik er over nadenken hoe het komt dat diezelfde schooiers het niet in hun hoofd zouden halen besjaalde geloofsgenoten zo te behandelen? Moet ik er over nadenken hoe het komt dat die Marokkaanse teringcrimineeltjes nooit tasjes roven van bejaarde Marokkaanse oma’s? Moet ik me nog afvragen waarom Marokkaantjes in Enschede alleen de auto’s van niet-Marokkanen in brand steken?

Moet ik het raar vinden dat de gemeente Den Haag het goed gevonden heeft dat in de Wagenstraat een moskee gevestigd werd in een 18-de eeuwse synagoge? Moet ik het raar vinden dat ieder bouwvoorstel in Den Haag langs schoonheidscommissies moet, maar dat nu naast die klassieke synagoge twee gigantische plastic minaretpikken boven de synagoge en de omliggende oude gebouwen uitsteken? Moet ik verbaasd zijn over de honderden moskeeën in ons land die gebruikt worden om haat te prediken en leerregels te verkondigen die rechtstreeks indruisen tegen onze rechtsorde? Mag ik het raar vinden dat overal moskeeën en gebedsruimtes verschijnen om moslims te gerieven en dat diezelfde moslims vol zelfbeklag ‘islamofobie!’ roepen? Moet ik er trots op zijn dat wij in ons land moskee na moskee laten bouwen en zelfs subsidiëren op grond van dat idiote grondwetsartikel over vrijheid van godsdienst terwijl bij onze bondgenoot Saoedie-Arabië christelijke kerken verboden zijn? Moet ik het maar gewoon vinden dat in Egypte koptische christenen vermoord worden en in de gehele Arabische wereld bijna alle Christenen verdreven zijn, maar dat Europa de grenzen tientallen jaren open zette voor de westerse waarden verwerpende Arabische moslims? Moet ik vragen stellen bij het besluit door een islamitische Turkse gouverneur dit jaar de gay-parade te verbieden in Istanbul?

Zal ik maar doen of er geen vaginale verminking plaatsvindt in Nederland? Zal ik maar wegkijken bij gedwongen huwelijken in ons polderlandje? Ach, wat zal ik mij druk maken over af en toe een slachtoffer van eerwraak in Rotterdam. Wat moet het mij bommen dat een groepje Turkse hangjongeren mij in Rotterdam voor een moskee uitschelden voor kale klootzak terwijl hun bebaarde en bejurkte opvoeders er passief goedkeurend bij staan? Zal ik maar wennen aan de nieuwe marktcultuur waarbij een stelletje Marokkaanse vishandelaars op de Haagse markt mij opzettelijk rotte makrelen meegeven? Zal ik maar niet meer praten over nieuw-Nederlandse racisten die mij en mijn zwarte Zambiaanse vrouw het Kralingse Bos uit jagen? Zal ik maar doodsbedreigingen van uittredende moslims zien als een boeiende exotische cultuur?

Moet ik leerlingen van het Elde College in Schijndel die scanderen dat joden zo goed branden maar negeren?

Moet ik mij druk maken over de onderdrukking van persvrijheid? Over de aanslagen in Madrid, Londen, Parijs, Brussel? Over de verderfelijke vluchtelingendeal tussen de EU en Turkije? Over de machteloosheid van de EU? Over Brexit? Over de moord op een Britse parlementariër? Over Nederlandse scholen die Tweede Pinksterdag om willen ruilen voor een dag vrij met het suikerfeest? Over Trump, Poetin, Wilders, Marie le Pen, de FPÖ?

Voor mijn gemoedsrust moet ik al die vragen en ergernissen over mijn schouder gooien.

Toch knaagt er iets aan mij..

Alle ellende in de wereld wordt mogelijk gemaakt door de ongeïnteresseerde en angstige zwijgers. Dat wil ik niet op mijn geweten hebben. Bij die zwijgers wil ik niet horen.

Meditatione Ignis gaat dus door, maar met een somber en bezorgd hart.

Dieter Korbjuhn, hoofdredacteur Meditatione Ignis

 

Sylvana Simons krijgt het gelijk aan haar kant

Sylvana_SimonsDit is een van die zeldzame momenten dat ik me gedwongen voel het hoofdredactionele heft in handen te nemen. Ik wil niet dat de redacteuren van Meditatione Ignis al hun talent verspillen aan flauwekul-onderwerpen. Het mag, ze hebben immers alle vrijheid, maar wanneer onze lezers vermoeid worden met een overkill aan aandacht voor de hardst schreeuwende kleine medemensen dan ontstaat er bij mij ergernis. Niet dat ik de maat der dingen ben, maar als ik mij in toenemende mate erger, dan ga ik er van uit dat vele lezers die ergernis ook voelen.

Mogen de lezers en ik dan niet geërgerd worden? Absoluut. Sterker nog: graag zelfs, want dat is waarvoor we Meditatione Ignis in de digitale lucht houden: prikkelen, ergeren, uitdagen en vooral ontmythologiseren. Maar dan moet het wel ergens over gaan.

We zijn er niet om de behoefte aan aandacht van talentarme typetjes als Ebru Umar en Sylvana Simons te bevredigen. Umar schreeuwt dat ze de beste columnist van Nederland is. Zal ze weleens columns lezen van echte columnisten zoals Bert Wagendorp, Shiela SitalSING, Youp, Henk Hofland, Elsbeth Etty, Mohammed Benzakour, Frits Abrahams, Maxim Februari, Ionica Smeets, Arnon Grunberg, Hassnae Bouazza, of haar vriendje Theodor Holman?

Allemaal columnisten in wier schaduw dit Libellemeisje niet kan staan.

Genoeg is genoeg. Er moet werkelijk iets belangwekkends gebeuren voordat we borstkloppend rijkeluisdochtertje Ebru Umar nog aandacht geven in onze columns. Vanaf vandaag is er een dwingend hoofdredactioneel verzoek aan onze columnisten niet meer over Ebru Umar te schrijven. Ik weiger een verbod uit te spreken en Meditatione Ignis columnisten die mijn verzoek negeren wacht slechts mijn toorn zonder gevolgen. Ik zal ze blijven omarmen.

Van hetzelfde laken een pak: lichtgewicht Sylvana Simons. In mijn ogen valt deze dame in de categorie getraumatiseerd disfunctionerende, psychisch beschadigde medemens. Wie enige kennis heeft over haar persoonlijke geschiedenis kan niet anders dan met mededogen reageren op haar publieke optredens. Ik kan geen enkele logische verklaring bedenken voor de VARA’s keuze haar regelmatig op te laten draven bij DWDD en Pauw, en het besluit mevrouw Simons en beide Turks-Nederlandse Erdoganzen (met dank aan Youp) van DENK een kwartier promotie te gunnen bij Matthijs van Nieuwkerk. De afgelopen maanden zapte ik met angst en beven naar DWDD of Pauw, vrezend dat die onvermijdelijke Sylvana Simons weer uitgenodigd was voor een nutteloos optreden. De vrouw heeft werkelijk nog nooit iets substantieels gepresteerd, maar wordt op het schild geheven alsof ze de denkster des vaderlands is. Iedere keer wanneer ik haar in die praatprogramma’s zie, moet ik denken aan Tofik Dibi die ook om de haverklap uitgenodigd werd toen hij nog kamerlid voor Groen Links was. Later gaf hij openhartig toe dat die uitnodigingen om zijn licht te schijnen over een breed scala onderwerpen oorzaak was van zijn realiteitsverlies en zijn megalomanie. Hij werd hard gestraft en verdween uit de politiek toen hij de strijd met Jolanda Sap aan ging om het leiderschap van Groen Links.

Niet alleen Sylvana Simons’ gebrek aan gewicht in relatie tot alle aandacht is mij een doorn in het oog. Er is meer: haar onverklaarbare optreden in de media, met name over racisme en discriminatie, heeft geleid tot duizenden racistische reacties. Op geen enkele manier mag de schijn ontstaan dat Meditatione Ignis sympathie heeft voor dat racisme. Iedereen mag irritatie over deze dame uiten, maar dan wel op basis van argumenten en niet op basis van smerige racistische scheldpartijen.

De, meestal anonieme, racisten op Twitter en Facebook moeten zich realiseren dat hun verderfelijke schelden Sylvana Simons in een limousine de Tweede Kamer inloodst. Zoals Pechtold al jaren de promotor bij uitstek is van Geert Wilders, zijn de racistische scheldpartijen over Sylvana Simons een welkome steun in de rug bij haar politieke ambities. Ze wordt bevestigd in haar gelijk dat de Nederlandse maatschappij een in- en in-racistische samenleving is waar zij als verbindende Sylvana Luther King tegen ten strijde moet trekken.

Wat mij betreft verstomt terechte kritiek op charlatan Sylvana Simons bij deze racistische vuilspuiterij.

Ik hoop dat de redacteuren van M.I. zo slim zijn niet langer voeding te geven aan de seizoensbloeiertjes Ebru Umar en Sylvana Simons.

Dieter Korbjuhn, hoofdredacteur Meditatione Ignis.

(Onze redacteur Mr. Simon A. Tire werkt op het ogenblik het ‘ultieme interview’ met Sylvana Simons uit. Dat interview zal een dezer dagen verschijnen op M.I.)

Op eigen merites oordelen en Pluche van Femke Halsema

Halsema PlucheVoormalig politica Femke Halsema schreef haar politieke memoire (waarom niet memoires?) Pluche ‘juist omdat dit genre in Nederland nauwelijks beoefend wordt’. Dat niet alleen. Femke schreef Pluche ook omdat ze jarenlang in de politiek acteerde op een toonaangevende plaats. De kiezers hebben recht op verantwoording. Of die kiezers ook zitten te wachten op die verantwoording is de vraag.

Ik moet een bekentenis doen: jarenlang voelde ik weerzin tegen het optreden van Halsema in de kamer en in de publiciteit. Dat geaffecteerde stemmetje en die aanmatigende stampvoeterij stuitten mij tegen de borst. Haar partij, Groen Links, was in haar tijd een van de kleinere partijen in het parlement, maar Halsema trad in praatprogramma’s en in de Kamer op alsof ze een aanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking vertegenwoordigde. Dat zie je trouwens nog steeds. Het aantal keren dat groenlinkser Jesse Klaver aanschuift in praatprogramma’s staat in geen verhouding tot het aantal zetels die zijn partij in de kamer heeft.

Halsema schoffeerde VVD’er, toen nog wel, Rita Verdonk in de Tweede Kamer tijdens het debat over jokkenbrokkende Hirsi Ali. Verdonk werd door Halsema op kijvende (Eva Jinek zou zeggen ‘wijverige’) wijze beschuldigd van liegen. Dezelfde Halsema die soms haar mond vol had over ‘meer vrouwen’ in de politiek als tegenwicht tegen het haantjesgedrag van mannen. Haantjesgedrag? Wat van het haantjesgedrag van vrouwen als Halsema zelf en van Rita Verdonk, Agnes Kant, Margareth Thatcher (pas in dienst als premier en meteen oorlog tegen Argentinië), Guusje ter Horst en de meest memorabele voorzitter van de Tweede Kamer uit de Nederlandse parlementaire geschiedenis: Anouchka van Miltenburg? Haantjes pur sang.

Alhoewel, pur sang? Niemand heeft mij ooit kunnen uitleggen dat het verwijt ‘haantjesgedrag’ iets anders is dan vooroordeel in plaats van oordelen op eigen merites. Haantjesgedrag is een verwijt dat gemaakt wordt door vrouwen die zich blijkbaar niet realiseren dat ze daarmee een kwalitatief onderscheid maken tussen het functioneren van mannen en vrouwen ten nadele van de man. ‘Haantjesgedrag’ is een hanerig verwijt. De geëmancipeerde vrouw van de 21ste eeuw dient meteen in verzet te komen als mannen een dergelijk kwalitatief onderscheid ten gunste van de man zouden maken.

Om over na te denken…

‘s Morgens, bij mijn cappuccino, kijk ik via Uitzendinggemist naar praatprogramma’s die ‘s avonds laat worden uitgezonden. Gisterenavond schoof Halsema aan bij Pauw om te praten over haar boek Pluche. Toen ik dat vanmorgen ontdekte verdween meteen mijn appetijt om te kijken. Ik moest mijzelf streng toespreken en dwingen Femke Halsema op de merites van het gesprek te beoordelen en mijn oude irritaties overboord te gooien. Een nuttige oefening onbevooroordeeldheid.

Alle opmerkingen en gedragingen moeten zo veel mogelijk op die eigen merites, zonder vooraf plaats te nemen in een loopgraaf, beoordeeld worden. Veel discussies lopen op niets uit juist doordat niet op eigen merites en inhoud geoordeeld wordt, maar vanuit vooraf ingenomen stellingen. Ik zag onlangs nog hoe Tofik Dibi (SP), de nationale moslimtroetelhomo, volledig de fout in ging omdat hij onwillig was opmerkingen van Dion Graus (PVV) op eigen merites te beoordelen. Dibi probeerde slechts via zijn vooroordelen te scoren. Graus was te slim voor Dibi en liet zich niet uit de tent lokken. Gênant om te zien hoe Dibi, niet voor de eerste keer, in zijn eigen kuil donderde.

Goed, ik spande mij dus in om naar Halsema te kijken en luisteren, vrij van enig vooroordeel. Het was even oefenen, maar het lukte. Dat geaffecteerd slissende stemmetje maakte het er niet gemakkelijker op, maar zelfs die kleine irritatie wist ik mindful van mij af te schuiven. Ik spande mij in te oordelen op inhoud en niet op vorm.

En wat zag en hoorde ik: een verbaal talent met een interessant verhaal. Enige zelfingenomenheid is Halsema niet vreemd en haar politieke wereldje lijkt te bestaan uit engeltjes en duiveltjes, links-rechts.

Haar neiging tot populistisch op de man te spelen, bleek toen het over voormalig premier Balkenende ging. Met Pechtold heeft ze het altijd goed kunnen vinden. Ze zijn vrienden. Kinderachtig was het verhaal hoe ze zich beiden ergerden aan twee kabinetformateurs en hoe Pechtold en zij tijdens formatie-overleg onder tafel SMS-en uitwisselden om hun ’emoties’ te delen.

Agnes Kant die in de Tweede Kamer naast Halsema zat, zou ze ‘s morgens regelmatig begroet hebben met: “En Agnes, waar gaan we ons vandaag weer boos over maken?” Met dat ‘ons’ bedoelde ze, dat werd niet duidelijk, waarschijnlijk Agnes Kant. Het zal echter geen moeite kosten een compilatie TV-opnames te maken met een kwade Halsema in de hoofdrol.

Halsema heeft niet meteen mijn volledige sympathie gewonnen, maar ik luisterde geboeid naar een intelligente, goedgebekte vrouw. Werd Halsema inmiddels volwassener en interessanter, of is mijn vermogen volwassen te kijken en luisteren toegenomen?

Misschien zijn beide het geval. Resultaat is dat de Halsema die ik nu zag, veel acceptabeler, en meer dan dat, is dan de Halsema in de politieke arena.

Hopelijk keert ze nooit meer terug in de politiek. Haar vertrek heeft de politiek, maar vooral ook de persoon Halsema goed gedaan.

Dat boek ga ik echter niet kopen omdat ik niet de moeite wil nemen ook dat nog op eigen merites te beoordelen. Er zijn grenzen.

Clifford Mead, sociologische beschouwingen