“Volkert, waar ben je?” (Jesse, Rob, Femke, Lilian, Lodewijk waar zijn jullie nu?)


Corné Hanssen (Teacher Humanities, Philosophy and Religious Studies, Islam and Arabic) aan de universiteit van Utrecht – de man geeft les aan de bacheloropleiding Islam en Arabisch – riep woensdagavond toen de uitslagen van de verkiezingen bekend werden Volkert van der Graaf op Baudet te vermoorden.

Zijn “Volkert, waar ben je?” op Facebook kan niet anders uitgelegd worden.

In de week waarin een moslim in een Utrechtse tram een aantal mensen vermoordde, vindt een docent islam het nodig op te roepen tot moord op een Nederlandse politicus.

Ik zal maar niet de gemakkelijke weg kiezen en sarcastische opmerkingen maken over de ellende die wereldwijd veroorzaakt wordt door aanhangers van het geloof der liefde.

Waar zijn nu de beroepsverontwaardigden Jesse Klaver, Rob Jetten, Femke Halsema, Lillian Marijnissen, Lodewijk Asscher die zich deze week zo druk maakten over Baudet?

Het zou ze sieren ook nu vooraan in de rij te staan om een collega-politicus luidkeels te verdedigen tegen deze oproep tot moord.

Ik vrees dat Baudet binnen afzienbare tijd in dezelfde positie terecht komt waar Wilders al 15 jaar in verkeert: geheim adres en 24/7 bewaking.

Jesse, Rob, Femke, Lilian, Lodewijk waar zijn jullie?

B.G. Antonissen

Fons de Poel gidst onder aan de ladder door Europa

Fons de Poel, Blij met de buren, op gladiatorenschool (Aflevering Italië)
Fons de Poel, Blij met de buren, op gladiatorenschool (Aflevering Italië). Bron KRO NCRV

Na vijfentwintig jaar Brandpunt moest verslaggever/journalist Fons de Poel vertrekken bij deze actualiteitenrubriek omdat hij kamerlid Jesse Klaver voor snotneus uitmaakte. Klaver voelde in een kamercommissie ABN AMRO-commissaris Rik baron van Slingelandt stevig aan de tand over de salarissen in de bankensector. Bij de afkondiging van het programma over deze ondervraging verzuchtte De Poel dat Klaver een snotneus was. Fons de Poel beunhaasde af en toe bij de ABN-AMRO waardoor zijn ‘snotneus’ een zware lading kreeg.

Exit De Poel.

Hij moest op zoek naar werk en weer onder aan de journalistieke ladder beginnen. Fons trok in opdracht van de KRO NCRV Europa in om een reeks programma’s te maken: Blij met onze buren, met als centrale vraag: hoe goed kennen we onze buren eigenlijk?

Wanneer alle uitzendingen zo knullig zijn als die over Italië, zal onze kennis over de Europese buren niet toenemen, vrees ik.

Na alle prachtige documentaires over andere landen door Fidan Ekiz (De pen is machtiger dan het zwaard), Thomas Erdbrink over Iran, Ruben Terlou en Maaik Krijgsman over China, Bram Vermeulen over Turkije en Afrika, Jelle Brandt Corstius over Rusland, of Van Dis over Indonesië en Zuid-Afrika, zitten we niet te wachten op een verslaggever, journalist is te veel eer, als Fons de Poel die echt weer onder aan de ladder staat. Eerlijk is eerlijk: na Geert Mak’s In Europa, kan van niemand verwacht worden betere journalistieke, historische of sociologische documentaires over Europa te produceren.

De flutdocumentaire van Fons de Poel, deze keer over Italië, stijgt kwalitatief nergens uit boven het niveau van een door de reisindustrie gesponsorde landencommercial bij een commerciële zender. Je kijkt met kromme tenen en plaatsvervangende schaamte naar de oppervlakkige zelfingenomenheid van Nederlandse-toerist-voor-het-eerst-van-zijn-leven-in-het-buitenland Fons de Poel. Het is niet voor te stellen dat iemand die 25 jaar in dienst was van een gewaardeerde rubriek als Brandpunt zo’n van zelfkritiek gespeende, monsterlijke documentaire af durft te leveren. Niet één, maar dan ook niet één interview heeft enige diepgang. Alleen het gesprek met in Italië woonachtig voormalig-correspondent Aart Heering, een fraai staaltje journalistieke inteelt, levert iets meer dan oppervlakkige informatie op.

Je schaamt je als Nederlander voor de schoffering van de burgemeester van het stadje Sonnino. De moderne, jonge manager wordt door De Poel slechts misbruikt om te praten over idiote juridische procedures van Italiaanse macho’s tegen hun slecht-kokende echtgenote’s, of over een vrouw die een geding aanspant tegen haar man wegens falend presteren onder de klamme lappen. Hoe werkt zoiets: de burgemeester, De Poel kan zelfs het fatsoen niet opbrengen zijn naam te vermelden, wordt door de redactie uitgenodigd om te praten over zijn stad. De beste man valt in de zo langzamerhand gewoon geworden journalistieke valkuil en zet zijn beste been voor om geïnterviewd te worden door de buitenlandse TV-zender. Een grote eer voor zijn stad en voor hem. Uit een lang gesprek over van alles en nog wat waarin de burgemeester zijn stad hoopt te promoten, knipt de journalistieke aasgier twee of drie quotes die bruikbaar zijn voor het bevooroordeelde verhaal dat Italië eigenlijk een beetje een achterlijk land is.

DE Italiaan bestaat volgens amateur-socioloog De Poel, een puur Charles-Swietertje (ook uit de Brandpuntstal), niet. Het is een verzameling divers als de Romein, de Napolitaan, de Siciliaan etc. Van de Poel realiseert zich niet dat DE Romein, DE Siciliaan etc. evenzeer nonsens is als DE Italiaan. Sterker nog, na eerst ontkend te hebben dat DE Italiaan bestaat, maar een bijeenraapsel is van diversiteiten, draaft junior-verslaggever Fons vrolijk door over DE Italiaan die zo gevoelig is voor vorm en uiterlijkheid. Dit in tegenstelling tot wij Nederlanders die veel meer voor de inhoud gaan. Op dat ‘gaan voor de inhoud’ maakt Fons de Poel in deze documentaire zonder twijfel een uitzondering. Hij gaat helemaal niet voor de inhoud, maar stapelt het ene voorspelbare cliché op het andere. Het verkeer in Rome is een anarchistische bende, Italianen houden zich niet aan de regels, het rechtssysteem is dichtgeslibd, de ambtenarij is een chaos, iedere Italiaan is fanatiek katholiek, de maffia maakt de dienst uit, Italianen zijn corrupt tot op het bot, Italianen hebben een hang naar sterke leiders (en dan snel even wat beelden van Mussolini), en er gaat niets, maar dan ook helemaal niets boven het familieleven. Dat laatste wordt dan geïllustreerd aan de hand van een vormselplechtigheid in een kerk waarna de familiebrunch in een Unilever-Bertolli setting in de tuin van Mussolini’s voormalig landhuis. Met de Italianen op het feestje praat diepte-interviewer De Poel over de Italiaanse hang naar uiterlijkheid. Een man met een monumentale lorgnet op de neus gaat daar gretig bevestigend op in. De enige modieuze dandy in het gezelschap is overigens De Poel zelf met zijn lichtblauwe, linnen colbert en zijn zonnebank teint. Hij steekt af tegen de onopvallend geklede Italianen.

Werkloze intellectuelen, alle mannen hebben in Italië baarden, worden op een avondlijk plein ‘geïnterviewd’ door De Poel. De jaren vijftig/zestig Felliniaanse landerigheid druipt er van af. De gesprekken komen niet verder dan ‘we zijn hoog opgeleid’ en ‘we kunnen geen werk vinden’. Zonder twijfel een dramatisch verlies van maatschappelijke potentie. Hoe komt dat? Dat komt doordat de Italianen ‘tot hun 70ste door werken’. Het zal wel.

De interviews van De Poel komen geen millimeter verder dan de oppervlakte. De beste man spreekt geen woord Italiaans en kan met de Italianen alleen communiceren in zijn MAVO-Engels. Als je dat gestuntel ziet verlang je naar Ruben Terlou die de Langs de oever van de Yangtze documentaire maakte en gesprekken voerde in het Mandarijn alsof het zijn moerstaal is, of naar Thomas Erbrink die vloeiend Farsi spreekt, of naar Van Dis die zich zowel in het Maleis als in het Zuid-Afrikaans weet te uiten. Een kwestie van respect tegenover de gastlanden die bezocht worden. Een respect dat bij Fons de Poel ontbreekt, en niet alleen vanwege taalonmacht.

Fons de Poel draafde ook nog op in een gladiatorenschool, het Italiaans equivalent voor Japanners en Chinezen op klompen, om zich te bekwamen in zwaardvechten. Je betreurt haast dat de zwaarden houten nepzwaarden waren en De Poel ook defensieve technieken werden aangeleerd waardoor zijn kop niet over het veldje rolde.

Deze verslaggever onder aan de ladder zal in volgende uitzendingen niet mijn gids door Europa zijn.

Ferdinand Braun

Op eigen merites oordelen en Pluche van Femke Halsema

Halsema PlucheVoormalig politica Femke Halsema schreef haar politieke memoire (waarom niet memoires?) Pluche ‘juist omdat dit genre in Nederland nauwelijks beoefend wordt’. Dat niet alleen. Femke schreef Pluche ook omdat ze jarenlang in de politiek acteerde op een toonaangevende plaats. De kiezers hebben recht op verantwoording. Of die kiezers ook zitten te wachten op die verantwoording is de vraag.

Ik moet een bekentenis doen: jarenlang voelde ik weerzin tegen het optreden van Halsema in de kamer en in de publiciteit. Dat geaffecteerde stemmetje en die aanmatigende stampvoeterij stuitten mij tegen de borst. Haar partij, Groen Links, was in haar tijd een van de kleinere partijen in het parlement, maar Halsema trad in praatprogramma’s en in de Kamer op alsof ze een aanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking vertegenwoordigde. Dat zie je trouwens nog steeds. Het aantal keren dat groenlinkser Jesse Klaver aanschuift in praatprogramma’s staat in geen verhouding tot het aantal zetels die zijn partij in de kamer heeft.

Halsema schoffeerde VVD’er, toen nog wel, Rita Verdonk in de Tweede Kamer tijdens het debat over jokkenbrokkende Hirsi Ali. Verdonk werd door Halsema op kijvende (Eva Jinek zou zeggen ‘wijverige’) wijze beschuldigd van liegen. Dezelfde Halsema die soms haar mond vol had over ‘meer vrouwen’ in de politiek als tegenwicht tegen het haantjesgedrag van mannen. Haantjesgedrag? Wat van het haantjesgedrag van vrouwen als Halsema zelf en van Rita Verdonk, Agnes Kant, Margareth Thatcher (pas in dienst als premier en meteen oorlog tegen Argentinië), Guusje ter Horst en de meest memorabele voorzitter van de Tweede Kamer uit de Nederlandse parlementaire geschiedenis: Anouchka van Miltenburg? Haantjes pur sang.

Alhoewel, pur sang? Niemand heeft mij ooit kunnen uitleggen dat het verwijt ‘haantjesgedrag’ iets anders is dan vooroordeel in plaats van oordelen op eigen merites. Haantjesgedrag is een verwijt dat gemaakt wordt door vrouwen die zich blijkbaar niet realiseren dat ze daarmee een kwalitatief onderscheid maken tussen het functioneren van mannen en vrouwen ten nadele van de man. ‘Haantjesgedrag’ is een hanerig verwijt. De geëmancipeerde vrouw van de 21ste eeuw dient meteen in verzet te komen als mannen een dergelijk kwalitatief onderscheid ten gunste van de man zouden maken.

Om over na te denken…

‘s Morgens, bij mijn cappuccino, kijk ik via Uitzendinggemist naar praatprogramma’s die ‘s avonds laat worden uitgezonden. Gisterenavond schoof Halsema aan bij Pauw om te praten over haar boek Pluche. Toen ik dat vanmorgen ontdekte verdween meteen mijn appetijt om te kijken. Ik moest mijzelf streng toespreken en dwingen Femke Halsema op de merites van het gesprek te beoordelen en mijn oude irritaties overboord te gooien. Een nuttige oefening onbevooroordeeldheid.

Alle opmerkingen en gedragingen moeten zo veel mogelijk op die eigen merites, zonder vooraf plaats te nemen in een loopgraaf, beoordeeld worden. Veel discussies lopen op niets uit juist doordat niet op eigen merites en inhoud geoordeeld wordt, maar vanuit vooraf ingenomen stellingen. Ik zag onlangs nog hoe Tofik Dibi (SP), de nationale moslimtroetelhomo, volledig de fout in ging omdat hij onwillig was opmerkingen van Dion Graus (PVV) op eigen merites te beoordelen. Dibi probeerde slechts via zijn vooroordelen te scoren. Graus was te slim voor Dibi en liet zich niet uit de tent lokken. Gênant om te zien hoe Dibi, niet voor de eerste keer, in zijn eigen kuil donderde.

Goed, ik spande mij dus in om naar Halsema te kijken en luisteren, vrij van enig vooroordeel. Het was even oefenen, maar het lukte. Dat geaffecteerd slissende stemmetje maakte het er niet gemakkelijker op, maar zelfs die kleine irritatie wist ik mindful van mij af te schuiven. Ik spande mij in te oordelen op inhoud en niet op vorm.

En wat zag en hoorde ik: een verbaal talent met een interessant verhaal. Enige zelfingenomenheid is Halsema niet vreemd en haar politieke wereldje lijkt te bestaan uit engeltjes en duiveltjes, links-rechts.

Haar neiging tot populistisch op de man te spelen, bleek toen het over voormalig premier Balkenende ging. Met Pechtold heeft ze het altijd goed kunnen vinden. Ze zijn vrienden. Kinderachtig was het verhaal hoe ze zich beiden ergerden aan twee kabinetformateurs en hoe Pechtold en zij tijdens formatie-overleg onder tafel SMS-en uitwisselden om hun ’emoties’ te delen.

Agnes Kant die in de Tweede Kamer naast Halsema zat, zou ze ‘s morgens regelmatig begroet hebben met: “En Agnes, waar gaan we ons vandaag weer boos over maken?” Met dat ‘ons’ bedoelde ze, dat werd niet duidelijk, waarschijnlijk Agnes Kant. Het zal echter geen moeite kosten een compilatie TV-opnames te maken met een kwade Halsema in de hoofdrol.

Halsema heeft niet meteen mijn volledige sympathie gewonnen, maar ik luisterde geboeid naar een intelligente, goedgebekte vrouw. Werd Halsema inmiddels volwassener en interessanter, of is mijn vermogen volwassen te kijken en luisteren toegenomen?

Misschien zijn beide het geval. Resultaat is dat de Halsema die ik nu zag, veel acceptabeler, en meer dan dat, is dan de Halsema in de politieke arena.

Hopelijk keert ze nooit meer terug in de politiek. Haar vertrek heeft de politiek, maar vooral ook de persoon Halsema goed gedaan.

Dat boek ga ik echter niet kopen omdat ik niet de moeite wil nemen ook dat nog op eigen merites te beoordelen. Er zijn grenzen.

Clifford Mead, sociologische beschouwingen

 

Diederik Samson en Jesse Klaver in de smog van de Klimaatconferentie

 

Diederik Samson en Jesse Klaver presenteerden deze week hun initiatief tot een milieuwet. Klaver, niet gehinderd door enig historisch inzicht, durfde de bewering aan “Dit is de eerste keer dat twee fractievoorzitters met een dergelijk initiatief komen”. Bovendien: “Onze generatie is de eerste die werkelijk iets van kimaatverandering gaat merken”. Is dat zo? Hetzelfde kon in de jaren zestig van vorige eeuw gezegd worden over de bijna folkloristische smog in Londen. Het klimaat wordt al sinds de industriele revolutie van de 19de eeuw jaar na jaar schade toegebracht. Dat merkten vele generaties die aan Jesse vooraf gingen.

De gedachten van beide fractieleiders bevinden zich nauwelijks boven de zweverigheid waarmee in de jaren zestig – ja, Jesse, doe je huiswerk eens – zeventig en tachtig van de vorige eeuw vele voorgangers hun milieuzorgen presenteerden. Overigens niet alleen zweverigheid was het milieulot.

Wat te denken van een serieuze poging als het Rapport van de club van Rome, Grenzen aan de groei uit 1972 (“The Limits to growth: a global challenge”; Jesse, 1986, was toen nog niet geboren). Het rapport door de Club van Rome stond maandenlang op de bestsellerlijst en leidde in alle weldenkende kringen tot discussies en zorgen. Misschien iets voor Jesse in zijn schoen op 5 december, of in het dashboardkastje van zijn Volvo…over milieu gesproken.

Recent bemoeide een eerdere generatie, Al Gore, zich uitgebreid met het milieu, ook al is het mij nooit duidelijk geworden of Gore slecht of goed was voor het milieu en heb ik nooit begrepen waarom de beste man zijn milieuzorgen tijdens zijn vice-pesidentschap onder de sigarenrokende – slecht voor het Oval Room milieu – Bill Clinton nooit in daden omzette. Het had toen gekund.

Ik voorspel beide heren: ze zullen niet de eersten zijn die de politieke (melk)tanden stuk bijten op milieufantasie omdat de klimaatproblematiek een ‘global challenge’ is. Gebrek aan internationale samenwerking, met name de Verenigde Staten stellen zich egoistisch op, was, is en zal een belemmering zijn voor adequate aanpak van de milieuproblemen.

Klaver: “Er is in Nederland nog nooit een klimaatwet voorgesteld”. Los van de vraag of deze bewering klopt, – er zijn nationaal en Europees vele wetten aangenomen ter beschermimng van het klimaat – mogen de beide klimaatvriendjes zich realiseren dat het klimaat nu eenmaal een grensoverschrijdende zorg is waar nationale wetten geen invloed op hebben. Gerommel met nationale wetten zou weleens remmend kunnen werken op wereldwijd nodige maatregelen.

Er bestaan al tientallen jaren zorgen over het milieu. Evenveel jaren werden politieke intenties gepresenteerd om de verschraling en de opwarming van de aarde tegen te gaan.

Ik hoor ook al tientallen jaren doemscenario’s over de ontbossing van het Amazonegebied.

Wat ontbossing veroorzaakt, kan iedereen zien die als moderne ‘grande tour’ de camperdroomreis maakt door het zuidwesten van de Verenigde Staten. Las Vegas is dankzij de Hooverdam een oase in een onherbergzaam woestijngebied. Een door mensen, door ontbossing, gemaakt woestijngebied.

Bijna het hele zuidwesten van de VS is door de mens gemaakte woestijn.

Het moment van dit PvdA/Groen Links initiatief is niet toevallig, want vlak voor de Klimaatconferentie 2015 in Parijs. Beide heren lijken op voorhand deze conferentie te willen kapen. Op microniveau laten ze zien wat het macropolitieke probleem is. Als het al niet lukt in Nederland alle gezichten dezelfde kant op te krijgen – hun initiatief veroorzaakte in het Binnenhofdorp al heel wat gesputter- dan houd ik mijn hart vast voor internationale samenwerking.

Zal het echt gaan lukken de overgang in China van een vegetarische naar een miljoenen runderen wegkauwende samenleving te stuiten? Overigens: Amerikanen schrokken nog bijna twee keer meer vlees per persoon weg dan de Chinezen. De consumptie van vlees is een van de grootste oorzaken van milieu-ellende. Daar bovenop stappen de bewoners van alle snel opkomende economieën maar wat graag in een statusvierwieler om zich te kunnen meten met de westerse wereld. In de VS leeft 5% van de wereldbevolking. Die kleine minderheid slurpt 25% van de fossiele brandstoffen weg en nu moeten de Chinezen, eindelijk verlost van de communistische beklemming en badend in een bloeiende economie, zich ineens netter gaan gedragen dan hun Amerikaanse voorbeeld?

Alle kolencentrales moeten dicht volgens het duo Klaver-Samson. Het is me wat, zo kort nadat met instemming van Samson’s krimpende partij meerdere kolencentrales werden geopend in Nederland.

Zo snel na de bouw deze centrales weer sluiten, gaat lijken op een miljardenverslindend Fyradebacle.

Er zijn in Nederland op het moment negen elektriciteitscentrales die geheel of gedeeltelijk kolen stoken. Twee van die centrales (Eemsmond en Maasvlakte) werden dit jaar (!) in gebruik genomen. De bouw van zo’n centrale kost ongeveer € 4.000.000.000,-. De totale klimaatschade, luchtvervuiling en klimaatgerelateerde gezondheidszorg is door Greenpeace berekend op € 26.000.000.000,-. Allemaal mogelijk gemaakt door de PvdA als regeringspartij.

Er is lef voor nodig om dan bij Pauw op te komen draven met “alle kolencentrales moeten dicht“.

Had dan niet eerst de bouw van nieuwe centrales voorgesteld, want ook toen was al de zware belasting voor het milieu bekend.

Zal er nog zoiets bestaan als een socialistische internationale waar de rode haan op wereldniveau kan kraaien dat al die centrales dicht moeten? Mocht dat zo zijn, neem dan meteen ook mee dat alle slachthuizen en slagerijen dicht moeten.

B.G. Antonissen

 

Kalashnikovvandalisme en verheerlijking van geweld

In Pauw van 19 november 2015 voerden twee Nederlandse politici een voornamelijk semantische discussie over terrorisme, geweld en oorlog en de Jihadsnotneuzen in Europa. Jesse Klaver, van het minipartijtje Groen Links, mini want qua zetels een partijtje tussen de Christen Unie en de SGP, hijgbabbelde in de schaduw van een rustige en volwassen Halbe Zijlstra. Zijlstra wees op een bestaand wetsartikel dat Nederlanders die in vreemde krijgsdienst gaan hun Nederlanderschap afneemt. Een artikel waar tijdens de Spaanse burgeroorlog regelmatig gebruik van werd gemaakt. Mochten Syriëgang(st)ers slechts 1 nationaliteit hebben, dan worden ze automatisch statenloos. Mochten ze twee nationaliteiten hebben dan kunnen ze enkele reis retour naar het kansarme land van herkomst. Duidelijk en dus een eigen keuze. Je weet wat je te wachten staat. Geheel in de onthechtende politieke discussietraditie kwam Jesse Klaver niet verder dan een “ja maar..” reactie. Al dat ‘gejamaar’ is precies de oorzaak van de besluiteloosheid die dagelijks in ons politieke theater te horen en zien is en waardoor het niet eens mogelijk is gebruik te maken van een bestaand wetsartikel.

Sybrand van Haersma Buma – sluit je ogen als hij spreekt en je hoort een Wim T. Schippers Fabeltjeskranttypetje – vond het vandaag in de Tweede Kamer nodig langdurig door te zeuren over de betekenis en gevolgen van het door premier Rutte gebruikte woord oorlog. Ja, met zo’n zijkpoliticus kan je echt de oorlog winnen.

Terug naar Pauw. Vol medelijden met de slachtoffers werd de ene wijsheid na de andere gedelibereerd over het kalashnikovvandalisme van een stelletje tweedegeneratie mislukkelingen waarna, “nu over op een luchtiger onderwerp” (Jeroen Pauw), uitgebreid aandacht werd besteed aan een commerciele, ‘copycat’ Nederlandse TV-serie over een geresocialiseerde kickbokser. Waldemar Toornstra, narcistisch trots op het met ‘gezonde voeding’ en veel trainen opgeblazen lijf, etaleerde zonder schaamte zijn zogenaamd realistische rol in de serie, inclusief de blessures die hij bij het trainen en de opnames opliep. Echt lekker al dat geweld. Genieten!

Daar ligt nu precies het probleem in onze van geweld doordrenkte maatschappij (zie mijn vorige column…ook al veracht ik sprekers die zichzelf citeren): geweld is zo langzamerhand normaal, onvermijdelijk en zelfs vermakelijk geworden.

DAT is de voedingsbodem waarop gefrustreerde, door koffiehuis- en moskeefrequenterende vaders en slaafse moeders affectief verwaarloosde, op westerse leeftijdsgenoten jaloerse moslimkinderen gedijen.

Als ze dan ook nog voorzien worden van automatische wapens heb je de poppen aan het dansen. Niets terrorisme: uit de klauw gelopen vandalisme overgoten met een ongeloofwaardig moslimfundamentalistisch sausje, juichend gestimuleerd en gefaciliteerd door voormalige officieren uit het leger van Saddam Hussein die na de overbodige en leugenachtige Amerikaanse inval in Irak collectief de zak kregen.

Tel uit je winst van bemoeizuchtige westerse interventies in Arabische brandhaarden. Laffe interventies ook. Wanneer er een werkelijke en krachtige tegenstander is zoals IS in Irak en Syrië, dan is diezelfde westerse wereld ineens te bang om in te grijpen en beperkt zich tot aantoonbaar ineffectieve bombardementen.

Het intermezzo waarin Davide Martello bij Pauw Imagine van John Lennon speelde, stond in schril contrast tot het modieuze ach-en wee over de kalashnikovvandalen en de verheerlijking van geweld in een ordinair en bovendien grotendeels geplagieerd TV-verhaaltje.

Bertus G. Antonissen