Rembrandt – Maerten Soolmans en Oopjen Coppit symbool van nationalisme

rembrandtIn 2002 was voormalig directeur van het Rijksmuseum Ronald de Leeuw  – de man is met de noorderzon vertrokken sinds zijn falend beleid en de verbouwing van het Rijks – een van de ondertekenaars van een verklaring over het universele museum. Deze verklaring werd opgesteld naar aanleiding van toenemende druk door bronlanden om in koloniale tijden geroofd cultuurgoed terug te geven aan die landen. De directeuren van zogenaamd encyclopedische musea deelden in die gezamenlijke verklaring onder andere mede dat hun musea verzamelplaatsen zijn voor vele soorten cultuur die, juist vanwege de verzameling binnen die encyclopedische musea, in relatie tot allerlei culturen kunnen worden getoond.

Alleen al om die reden moeten deze collecties van grote diversiteit bijeen blijven en niet gestreefd worden naar recuperatie naar de landen van oorsprong: “The universal admiration for ancient civilisations would not be so deeply established today were it not for the influence exercised by the artefacts of these cultures, widely available to an international public in major museums“.

Het zal niet toevallig zijn dat al die encyclopedische, universele musea zich bevinden in Europa en de Verenigde Staten (de Oenaited Steets). In geen van de bronlanden bevindt zich een universeel museum. Sterker nog: inwoners van die bronlanden hebben vaak de grootste moeite een visum te krijgen om te reizen naar die musea rijk aan internationale cultuur; nog los van de vraag of ze het zich financieel kunnen veroorloven. Er zullen slechts weinig Nigerianen in staat zijn de bronzen beelden uit Benin, door de Engelsen in 1897 tijdens een strafexpeditie geroofd uit Benin (= nu Nigeria) in Londen, Wenen of Berlijn te bewonderen. Hoeveel Egyptenaren zijn in staat de steen van Rosetta te bekijken in het Brits Museum? Het Rijksmuseum Amsterdam bezit eenstenen beeld afkomstig van de Boroboedoer (Borobudur), naar Nederland gekomen in een schandalige periode uit onze geschiedenis. Slechts een kleine Indonesische elite kan het Rijksmuseum bezoeken.

Waar is het universele museum in Afrika, Zuid-Amerika, Azie?

De marmeren beelden van het Parthenon die door Thomas Bruce, Lord Elgin, begin 19de eeuw naar Engeland verscheept werden zijn te zien in het Brits Museum, het LouvreVaticaanse MuseaNationaal Museum, Kopenhagen, Kunsthistorisches Museum, Wenen, Universiteits Museum, Würzburg en de Glyptothek, Munchen. Verdedigers van Elgin’s roof houden nog steeds vol dat Elgin deze beelden tegen vernietiging beschermd heeft.

Kletskoek, want het nieuwe Acropolis Museum in Athene herbergt een flink aantal, helaas incompleet, beelden van dat Parthenon.

Elgin heeft veel schade aangericht aan het Parthenon. Een complete fries donderde naar beneden toen hij daar beelden vanaf wilde halen. Resultaat: de hele boel aan gruzelementen. De eerste scheepslading met beelden die hij naar Engeland stuurde kwam in zee terecht toen het schip voor de kust van Griekenland verging. In de jaren dertig van de 20ste eeuw kregen schoonmakers in het Brits Museum de opdracht de beelden te reinigen, en reinigen deden ze: met staalborstels, waardoor het oppervlak van de beelden onherstelbaar beschadigd werd en de laatste resten authentieke verf – de beelden waren oorspronkelijk kleurrijk beschilderd – verwijderd werden.

Dus kom mij niet aan met het kulverhaal dat Elgin de beelden gered heeft van de ondergang. Bovendien, mocht dat nonsens-argument al correct zijn, dan nog kunnen die beelden nu terug omdat er geen enkele dreiging meer is. Maar nee, dat wordt van tafel geveegd door de elitaire directeuren van de elitaire westerse musea onder andere met het argument (?) dat we tegen deze kwestie aankijken met hedendaagse ogen. Klopt niet! Ook in Elgin’s tijd was er veel oppositie tegen zijn roof. Lord Byron legde deze weerstand vast in zijn gedichten The Curse of Minerva en Childe Harold’s pilgrimage.

Tijdens de discussies rondom de verklaring over de universele musea, presteerde Ronald de Leeuw – ja, hij weer – in een actualiteitenprogramma voor de Nederlandse TV te blaten ‘dat Griekenland niet eens bestond’ toen Elgin de beelden van het Parthenon roofde. Nu heb ik al nooit een hoge pet op gehad van de sociale intelligentie van Ronald de L., maar dat hij ook als (kunst)historicus op zo’n domme manier de fout in zou gaan….plaatsvervangende schaamte krijg je hierbij. Dank je de koekoek: Griekenland was bezet door de Turken en 400 jaar, tegen wil en dank, onderdeel van het Ottomaanse rijk.

Ten koste van duizenden doden en na een lange onafhankelijkstrijd werd Griekenland in 1830 weer zelfstandig. Hoe is het in hemelsnaam mogelijk dat iemand met zo’n beperkte historische kennis directeur werd van het Rijkmuseum?

Gebrek aan kennis is misschien het mildste verwijt dat De Leeuw gemaakt kan worden. Ik denk dat hier eerder sprake was van kwaadwillendheid en stampvoetend je gelijk halen terwijl je dat niet hebt.

Wat heeft dit allemaal te maken met die twee tenvoetenuit portretten door Rembrandt van Maerten Soolmans en Oopjen Coppit die de Rothschildts te koop aanbieden en waar nu ineens van alle kanten in de museumwereld, de pers en ons parlement gepapegaaid wordt dat ze in Nederland thuis horen?

Er wordt duidelijk met twee maten gemeten. Ik ben niet echt benieuwd wat De Leeuw nu te melden heeft en vrees dat hij zich niet uit deze knoop aan tegenstrijdigheden los kan wringen. In 2002 moesten de bronlanden van cultuurgoed niet zeuren en maar op het vliegtuig stappen om hun cultuurgoed in Europa of de Verenigde Staten te bekijken, en nu wordt ineens de geplande aankoop voor € 160.000.000,00 van twee Rembrandts verdedigd vanuit nationalistische overwegingen.

Hier lijkt mij iets niet te kloppen. Wat een kleinburgerlijk gezeur, onder leiding van gemankeerd veilingmeester Alexander Pechtold, dat die schilderijen Nederlands cultuurgoed zijn en daarom in Nederland thuishoren.

Kijk, als ooit, bijvoorbeeld in de Napoleontische tijd, De Nachtwacht in twee-en was gesneden en nu de ene helft in Nederland was en de andere helft waar dan ook ter wereld, dan zou ieder streven beide helften te verenigen, en dan bij voorkeur in Nederland, te verdedigen zijn. Overigens: evenzeer als het verdedigbaar is dat de beelden van het Parthenon die nu in Engeland zijn verenigd moeten worden met het Parthenon (of wel; het Acropolis Museum in Athene).

Moeten nu die twee Rembrandts koste wat kost van het ene Europese land – die Europese gedachte staat sowieso al enkele jaren te wankelen – naar het andere verplaatst worden? Die wens is niets anders dan de klok vele tientallen jaren terug zetten.

Ieder argument, hoe oneigenlijk ook, wordt benut om de publieke opinie klaar te stomen om miljoenen euro’s uit te geven aan een onnodige aankoop van twee schilderijen.

Bill Pijbes kwam met een demagogisch vervuilende toevoeging in het publicitaire geweld om de Rothschild Rembrandts naar Nederland te halen door ze de ‘broer en zus’ van De Nachtwacht te noemen. Een absurd argument want die twee schilderijen hebben chronologisch, noch stilistisch ook maar iets met De Nachtwacht van doen. Mochten ze naar het Rijksmuseum komen, gaat hij ze dan links en rechts van De Nachtwacht ophangen? Ik denk het niet.

Het is niet de eerste keer dat nationalisme gepaard gaat met demagogie.

Zo zie je maar weer, dat dit soort discussies altijd gevoerd worden op basis van onderbuik en subjectiviteit, eerdere standpunten in vergelijkbare omstandigheden gerieflijk negerend. Als het goed uitkomt hoeft cultuurgoed niet terug naar het land van herkomst omdat het tot de universele cultuur behoort, en als het 100% andersom uit komt, dan moet het terug naar het land van herkomst omdat het daar thuishoort.

Ook leuk: de PVV, DE voorvechter van nationale identiteit bleek in de Tweede Kamer (29 september 2015) tegenstander van investering in de aankoop, mede met Nederlands belastinggeld, omdat het juist goed is dat Nederlands cultuurgoed in het buitenland te zien is. Bosma van de PVV vertelde jaren in New York gewoond te hebben waar hij ‘regelmatig Rembrandts en Hollandse meester in het MOMA bewonderde’. In het MOMA? Het MOMA? Sinds wanneer vertoont dat museum voor moderne kunst 17de eeuwse meesters?

Bertus G. Antonissen