Mijn Matthäus Passion moment

Thomas Kirche Leipzig

Thomas Kirche Leipzig

Het zal 2004 of 2005 geweest zijn dat ik samen met Nina D. en Ellie B. op de terugreis van Dresden naar Nederland in Leipzig stopte om naar de Thomas Kirche en het Bach Museum te gaan.

Een donkere, sombere dag met motregen. Kan me uit mijn hoofd niet herinneren, en heb geen zin het op te zoeken in oude agenda’s, of het najaar of einde winter was. Het was in ieder geval het soort sombere dag zoals je die in het najaar of februari/maart mee kan maken. We hadden er een week Dresden ‘op zitten’ waar Ellie B. en ik een opdracht hadden bij de Staatliche Kunstsammlungen. Duitstalige Nina D. ging mee als tolk. Voorheen gingen mijn Teutoonse schoondochter Lena B. en voormalig collega Jörg D. een week mee om te tolken. Boeiende weken, een combinatie van persoonlijk contact en professionele activiteit. Het Grüne Gewölbe, het Zwinger met zijn Galerie Alte Meister, de Porzellansammlung, de Mathematisch-Physikalischer Salon, de Rüstkammer en het Albertinum. Voor een museumprofessional een bijna ideale omgeving. Een cadeau dat we dat mee mochten maken.

Ellie B., voormalig stagiaire van mij in het Mauritshuis, werd min of meer mijn partner in mijn Museum Security Consultancy. Ik was langdurig verdraagzaam en geduldig met haar; blind voor haar beperkingen. Na een jaar of vijf ‘samen werken’ kon ik het niet meer opbrengen om haar met eigenwijsheid nog nauwelijks verhulde onkunde te negeren en stopte de beroepsmatige relatie. Er viel een last van mijn schouder.

Tijdens het bezoek aan Leipzig had ik die grens nog niet bereikt. Ellie B. schonk mij in de winkel van het Bach Museum onverwacht een speeldoosje met een stukje Bach. Een teder gebaar. Had het te maken met onbeholpen jaloezie omdat tijdens de werkweek Dresden het contact tussen Nina D. en mij intiem werd? Het begin van een van de rumoerigste en kortste relaties uit mijn leven. Genoeg stof waaide op om een boek mee te vullen. Doe ik misschien ooit nog.

Terug naar Leipzig. Het Bach Museum was toen nog een tamelijk intiem, wat ouderwets museum, maar wel al voorzien van audiovisuele informatie per kamer (het waren geen museumzalen, maar museumkamers). Per kamer kon je met koptelefoon op luisteren naar fragmenten muziek uit de periode van Bach’s leven die in de kamer toegelicht werd. Het weer buiten en de geborgenheid van het museum binnen draag ik sinds dat bezoek met me mee. Ik verlangde terug naar het museum. Bij een volgende reis naar Leipzig bleek het museum wegens verbouwing gesloten. Sinds de verbouwing ben ik er niet meer geweest.

Na ons bezoek aan het Bach Museum gingen we de Thomas Kirche in. De kerk waar 1827 voor het eerst Bach’s Matthäus Passion werd opgevoerd. Er schuifelde een handvol bezoekers door de kerk. Helemaal leeg zal je die kerk volgens mij nooit aantreffen.

We waren nauwelijks binnen toen we getrakteerd werden op de galm van een kerkkoor dat aan het oefenen was. Ongelovig als ik ben, ervoer ik het toch als een goddelijk moment. Alsof dat koor voor ons persoonlijk zong.

Emotie bij Nina D. die tranen wegveegde, en bij mij. Iedere keer wanneer ik naar de Matthäus Passion luister, dat blijft niet beperkt tot de goede week, denk ik aan die donkere dag in Leipzig, het Bach Museum en de Thomas Kirche.

De gedachte aan Nina D. vermijd ik.

Bertus Gerardus Antonissen