Haagse Mart

Haagse MarktMet collega Ton Cremers, zie zijn berichten over een ‘luchtje aan de Haagse Mar(k)t’, ervaar ik bezoeken aan de markt tussen de Schilders- en Transvaalwijk als een internationale, culinaire trip.

Vandaag ontdekte ik pindakaas gemaakt van 100% pinda’s; ook varianten met knoflook, pittige, of zeer pittige pindakaas. Gaan we volgende keer kopen. Eerst de Calvé pindakaas (85%) thuis op maken. In de Nederlandse supermarkten vind je pindakaassoorten variërend van 65% tot maximaal 85% pinda’s. Volgens de Amerikaanse warenwet mogen die pindaproducten geen pindakaas (peanutbutter) heten. Sinds januari 1971 bepaalt de Amerikaanse wet dat peanutbutter alleen peanutbutter mag heten wanneer het gehalte pinda’s minimaal 95% is. Vijfenveertig jaar later is Nederland, Europa, nog niet zo ver.

Wanneer ik een markt, ook een markt zo groot als de Haagse, regelmatig bezoek, ga ik na verloop van tijd gewoontegetrouw naar dezelfde kramen. Dat deed ik in Rotterdam ook toen ik daar nog woonde. In Den Haag en ook in Rotterdam blijken Turkse handelaren mijn voorkeur te hebben voor noten, olijven, gedroogd fruit en kruiden. Mijn groentes koop ik bij autochtone kramen. Een gewoonte ontstaan na enkele miskleunen en teleurstellingen thuis bij het uitpakken van mijn aankopen.

Hoe formuleer je zoiets zorgvuldig? Ik onderneem een poging. De kramen waar ik het gevoel kreeg dat de handelaren niet serieus hun best deden een band op te bouwen met de klant, werden vaak bemand door mensen uit landen aan de zuid-west kust van de Middellandse Zee. Altijd uit die landen? Nee. Uit die landen altijd? ook: Nee!

Ben ik terughoudend of in ieder geval veel kritischer wanneer ik de kramen van handelaren uit landen aan de zuid-west kust van de Middellandse Zee bezoek? Ja, veel kritischer. Is dat een vooroordeel? Nee, een voorzichtigheid gebaseerd op verneukerij met bedorven troep. Genuanceerder kan ik niet zijn.

Een van mijn favoriete kramen is die van Turkse dames, ik zag er nooit een man werken, met een grote variëteit noten, gedroogd fruit, kruiden, humus met vele smaken, een uitgebreid assortiment olijven, dadels en vijgen. Alles, werkelijk alles, ziet er prachtig, uitnodigend uit. Gedroogde abrikozen, en diverse andere gedroogde vruchten, zijn gezwaveld en ongezwaveld beschikbaar. Ik koop altijd de ongezwavelde variant. Liever zo natuurlijk mogelijk, dan zo fris mogelijk van kleur. De ongezwavelde abrikozen die ik koop zijn somber bruin, maar wat heerlijk. De smoothy die ik iedere ochtend maak is gebaseerd op gedroogde abrikozen of pruimen (de avond tevoren in water en citroensap te weken gezet), aangevuld met kurkumapoeder, cayennepeper, gebroken lijnzaad, olijfolie, honing en af en toe een verse appel. Een gezonde start van de dag.

Ik ben blijkbaar een gewoontedier, want ik koop bij die kraam altijd dezelfde olijven: grote groene zonder pit. Heerlijk als toevoeging in de klassiek Hollandse stamppotten met zuurkool of boerenkool.

Voor Pasen, volgende week, wil ik bij ‘mijn’ Turk langs om enkele soorten met kruiden aangeklede olijven, humus en dadels te kopen. Ik verheug me daar nu al op.

Iedere keer wordt ik bij de Turk geholpen door dezelfde jongedame van ergens tussen de 25 en 30 jaar. Een mollige lieverd, ze had vandaag een nieuwe bril op, die mij inmiddels kent en me gastvrij groet bij aankomst en nazwaait bij vertrek. Ik maakte haar vanaf het begin mee. Als ik veel bestelde, riep ze onzeker een oudere collega (haar moeder?) erbij omdat ze al dat hoofdrekenen niet aandurfde. Heeft ze nu geen last meer van. De verlegen introvertie is verdwenen.

Minder frequent, maar ook een vaste kraam om te bezoeken: thee en kruiden. Wat een collectie mooi gepresenteerde thee. Als ze een winkel hadden in het Noordeinde, Den Haag, of de Beethovenstraat, Amsterdam, zouden ze goede zaken kunnen doen. Ik kom er minder vaak omdat thee nu eenmaal langer mee gaat dan de producten die ik koop bij de Turk.

Groenten – vanmorgen kocht ik rode, groene en witte kool – koop ik ook altijd bij dezelfde kraam. Niet de goedkoopste kraam op de markt; wel altijd kwaliteit.

We eten niet veel kaas, maar als ik kaas koop, ook dan altijd bij dezelfde kleine kraam met prachtige kazen. Afgelopen december, in de kerstsfeer, kocht ik daar fantastische Blue Stilton gedrenkt in port. Verslavend.

Ook ik, dat geef ik toe, ga naar de markt omdat je meer voor je Euro krijgt dan in de supermarkt. In welke supermarkt kan je acht paprika’s kopen voor één Euro? Waar koop je een kilo goede oude kaas voor minder dan één tientje: op de markt. Waar koop je een kilo grote vliespinda’s voor vier Euro: bij mijn Turk. Ook bij mijn Turk: een kilo, heerlijk gebrande en geoliede gemengde noten voor twaalf Euro. Krakend vers.

Die koopjes zijn een goede reden om naar de markt te gaan. Voor mij niet de enige, of misschien zelfs niet de belangrijkste reden. Dat is het vakantiegevoel dat mij bekruipt op de markt.

Mark Cibus, diëtist en foodwatcher

 

Please follow and like us: