Clichédiarree over Museum Voorlinden

Ron Mueck (niet uit de collectie van Museum Voorlinden)

Ron Mueck (niet uit de collectie van Museum Voorlinden)

Collega Bob Bernstein wond zich gisteren al op over de dorpsplein-verslaggeving van het NOS-journaal omdat de redactie van dat journaal vooral oog heeft voor het tumult rondom het gemarginaliseerde nationale voetbalploegje. Bob kon toen niet weten dat geen twaalf uur nadat hij fulmineerde tegen de idiote redactionele keuze van het Journaal voornamelijk aandacht te besteden aan het Nederlands voetbalelftal en aan ‘repeteerverliezer’ Robin Haase, diezelfde NOS het prime-time journaal om 20:00 uur zou beginnen met zes hele minuten sores van het Nederlandse verlieselftal. Zodra er een oranje voetbalshirt in het vizier komt van de NOS camera’s, staat de hele wereld stil.

Maar goed, daar wil ik het eigenlijk niet over hebben, want sport is het eerste waar de NOS zich druk over maakt, voor mij komt het op de één-na-laatste plaats (de laatste zal altijd gereserveerd blijven voor alles dat met sprookjes en religie te maken heeft). Mijn aandachtsprioriteit betreft kunst, ook al moet ik toegeven dat ik in toenemende mate de afstand tussen kunst en sport kleiner zie worden.

In datzelfde spitsuurjournaal van gisterenavond kwam het Museum Voorlinden aan bod. Dat museum zal deze week door onze koning symbolisch geopend worden. De oprichter, de Rotterdamse succesvolle zakenman Joop van Caldenborgh, verzamelde de collectie en stopte geld in een nieuw museum omdat hij niet wil dat zijn kunst terecht komt in het depot van een bestaand museum. Groot gelijk Joop! Je moet er toch niet aan denken dat delen van je collectie daar terecht komen waar ze thuis horen: in een niet voor publiek toegankelijke kelder. Veel kunst is nu eenmaal vluchtig en aan modegrillen onderhevig en verdient het niet voor altijd voor het voetlicht te staan. Een beetje zakenman vindt dat natuurlijk zonde van zijn investering in persoonlijke roem en een belediging voor zijn collectionneursinzicht en zorgt daarom zelf voor een museale schouderklop.

Van Caldenborgh vindt dat kunst niet persé mooi hoeft te zijn, maar zijn bestaansrecht ontleent aan het oproepen van emotie, of die emotie nu plezier of ergernis is. Wel, als emotie een criterium is voor het bestaansrecht van kunst, dan vallen wat mij betreft die Skyspace van Turrell, niets anders dan een raam in het dak, de oersaaie beelden van Roni Horn en de gedateerde schilderijen van François Morellet vanwege hun geeuwende emotie-armoe al af. Misschien is ‘grappig’ voor Van Caldenborgh ook een valide emotie om kunst, kunst te laten zijn, want iets anders dan grappig kan ik dat zwembad van Leandro Erlich niet vinden. Let wel: ik heb het hier over de ‘highlights’ van het museum zoals ze getoond worden op de website.

Directeur Wim Pijbes stort over dat alles weer een diarree van nietszeggende clichés uit alsof Danny Blind in hoogsteigen persoon zijn ploegje omhoog zwamt: ‘We leven in een wereld waar van alles aan de hand is. Kunstenaars pikken dat op hun manier op om er iets van te maken’.

Oppikken? Het zal wel. Ondanks het NOS-journaal kunnen we gevoeglijk aannemen dat er in de wereld heel wat aan de hand is, in ieder geval meer dan de wanprestaties van ons nationale voetbalteam, van onze voormalige tennishoop in bange dagen Robin Haase, of van een bejaarde would-be alpinist uit ons polderland die van een berg dondert.

Wat pikken die kunstenaars op uit de wereld waar van alles aan de hand is en wat maken ze daar dan van? Het klinkt bijna of Pijbes er echt van overtuigd is dat er sprake is van enig engagement met het wel en wee van de wereld. Van Ai Wei Wei, gelukkig ook in de collectie van dit nieuwe museum, is genoegzaam bekend dat de sores van ons ondermaanse hem bezig houdt, maar geldt dat dan ook voor Ron Mueck en zijn onder een parasol vertoevende echtpaar en voor Leandro Erlich en dat oubollige zwembad?

Ik kan bijna niet wachten tot het moment dat Wim Pijbes dat engagement met de wereld amechtig struikelend over zijn eigen woorden bij Matthijs van Nieuwkerk voor het gemene volk uit komt leggen.

Daar verwacht ik overigens zo weinig van, dat ik mijn voornemen dit seizoen niet naar ADHD DWDD te kijken er niet om laat varen.

De entree van Museum Voorlinden kost € 15,00 per persoon en de Museumjaarkaart is er niet geldig. Zaken zijn zaken, of Joop van Caldenborgh nu de pensioengerechtigde leeftijd bereikt en zijn zakken ruimschoots gevuld heeft of niet.

Mijn voorspelling: het eerste jaar 250.000 nieuwsgierige bezoekers en daarna rustig voortkabbelen op een niveau van gemiddeld 500 tot 1.000 bezoekers per week.

Hanna Doeggen, kunsthistorica