Agressie Spoorwegen: niksaandehanda?

agressie op de werkvloer

Uit: http://www.treinreiziger.nl/actueel/binnenland/vakbonden_betwijfelen_afname_treingeweld-147411:

Bij de Nederlandse Spoorwegen zijn er in 2015 minder meldingen van agressie binnen gekomen. In 2015 kwamen er 642 meldingen van agressie tegen NS-medewerkers binnen. In 2014 waren dit er nog 774 (2013: 777). De vakbonden betwijfelen echter of de agressie tegen het spoorwegpersoneel echt is afgenomen. “Ik heb de indruk dat de agressie tegen het NS-personeel de laatste tijd toeneemt en harder wordt,” zegt vakbondsbestuurder Wim Eilert van de spoorvakbond VVMC in De Telegraaf. De vakbonden denken dat lichte vormen van agressie niet meer worden gemeld, zoals doodsbedreigingen.

Doodsbedreiging een ‘lichte vorm van agressie’? Het is maar wat je ‘licht’ noemt. Je koopt niets voor vakbondsmededelingen als ‘ik heb de indruk’ en ‘denken dat niet meer gemeld wordt’. Hoe kunnen de medewerkers van de NS de directie bekritiseren omdat er te weinig gedaan wordt aan de bestrijding van geweld tegen personeel wanneer dat personeel zelf niet bereid is een eigen bijdrage, melden van incidenten, te leveren?

Sinds op een aantal stations toegangspoortjes in gebruik zijn genomen daalt de geweldsstatistiek. Dat verbaast niet, want het meeste geweld ontstaat doordat een conducteur zwartrijders betrapt. Echter: de vakbonden willen dat goede nieuws niet horen en verklaren de dalende statistiek omdat ze ‘de indruk hebben’ en ‘denken’ dat NS-ers incidenten niet meer melden. Ja, zo lust ik er nog wel een paar..

Wat cijfers: de Nederlandse Spoorwegen, alleen de NS al, vervoeren per dag 1,2 miljoen reizigers. Dus het hele inwonertal van Rotterdam en Den Haag samen is iedere dag op pad in de trein. Per dag kruisen er 5.500 treinen door Nederland. Per jaar zijn er 642, tijdens het vervoer van meer dan 300 miljoen reizigers, meldingen van geweld (laatste telling). Niet alleen fysiek geweld, maar ook bedreigingen, schelden en pesterijen. Vergelijkingen gaan altijd mank, maar laat ik, gemotiveerd door Wim Eilert, er nog één fantaseren: op de totale bevolking van de Verenigde Staten (318 miljoen) zijn er minder dan 700 meldingen van geweld, waarvan het meeste geweld verbaal is. Een nonsensvergelijking? Laat ik het houden op een Sywert-van-Liendeniaanse manipulatie van statistiek.

De beide burgemeesters van Rotterdam en Den Haag zouden in ieder geval in hun handen klappen bij dergelijke cijfers.

Er is nog een statistiek: 1 op de 5 reizigers valt in de leeftijdsgroep van 15 tot 25 jaar. Een leeftijdscategorie die hoog scoort in landelijke statistieken van criminaliteit en dus relevant bij de interpretatie van de incidenten in de trein. Dat er met zo’n groot aandeel van deze risicocategorie, zo weinig incidenten zijn, is opvallend.

Wil ik de agressieproblematiek in het openbaar vervoer bagatelliseren? Geenszins. Ieder agressie-incident is er één teveel. De agressieproblematiek in het openbaar vervoer moet echter ook niet overdreven worden.

Toegangspoortjes waardoor zwartrijden fors kan worden teruggedrongen, zijn aantoonbaar effectief. De Rotterdamse RET maakt sinds poortjes gebruikt worden zelfs winst en heeft te maken met aanzienlijk minder agressie.

Behalve dan in de ogen van Wim Eilert van de spoorvakbond. Die weet, met een natte vinger in de lucht, beter dan welke statistiek hoe het gesteld is met de agressie in de trein. Stel dat de directie van de NS aan de hand van zo’n zelfde natte vinger zou verkondigen dat de statistiek veel te negatief is omdat het vermoeden bestaat dat de NS-ers meer melden dan werkelijk aan de hand is. Ik vrees dat Eilert uit zijn vel zou springen van verontwaardiging.

Misschien moet Wim eens een Google zoektocht maken naar agressie en beroepsgroepen. Ik raad hem aan te beginnen met de zoektermen ‘rol van het slachtoffer bij agressie’.

1,6 miljoen Nederlandse werknemers heeft jaarlijks te maken met een vorm van agressie. Op de 30.000 medewerkers van de NS zijn er ‘slechts’ 642 meldingen. De agressie in het openbaar vervoer blijft achter bij die in de ‘gewone’ maatschappij. Ik sluit niet uit dat het mogelijk is dat positieve onderscheid ten gunste van het openbaar vervoer nog positiever te maken. Naast maatregelen als toegangspoortjes en dubbel toezicht in de treinen, kan een kritische beschouwing van de rol van geslachtofferde NS-ers informatie geven die leidt tot verder verminderen van incidenten.

Wat niet meer voor mag komen, is wat ik onlangs meemaakte in tram lijn 5 van Amsterdam Centraal Station naar Amstelveen Centrum:

Bij station Amsterdam-Zuid stapte een buitenlandse man in die de Nederlandse taal niet beheerste:

“One ticket. please”, en bood een briefje van € 50 euro aan.

Bestuurder, met luide stem: “Hebbie niet kleiner?”

Passagier, niet begrijpend: “One ticket, please”

Bestuurder, met nog luidere stem: “Hebbie niet kleiner?”

Passagier, vertwijfeld: “One ticket, please”.

Bestuurder, nu helemaal met zo’n luide stem dat de hele tram mee kon luisteren: “Je denk toch zeker niet dat ik een bankfiliaal ben?”.

Ik zat er vlak achter en dacht bij mijzelf: als je nu van die passagier, of desnoods van één van de toehoorders, een draai om je oren of een grote mond krijgt, dan heb je weer wat te melden over agressie die je als geslachtofferd trambestuurder dagelijks over je heen krijgt, maar dan wel eerlijk zijn over je eigen rol.

Een cursus ‘omgaan met publiek’ ter preventie van agressie leek mij hier alleszins op zijn plaats.

Naast dit bizarre incident en een eerdere negatieve ervaring met een buschauffeur in Rotterdam – keihard en langdurig claxonnerend reed hij bijna in de kofferbak van een auto met Duits kenteken omdat die niet snel genoeg ging naar zijn zin – heb ik, eerlijk is eerlijk, alleen goede ervaringen met het personeel in het openbaar vervoer.

Kees Speaux, Verkeerswatcher

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.