Aandachtzieke Bénédicte Ficq tjilpt er hersenloos op los

Het is zestig (!) jaar gelden dat mijn moeder mij vermanend toesprak dat roken heel ongezond is. Ik vond mijzelf niet te jong om te roken, maar ook weer niet te oud om rondjes te draaien in de draaimolen van Dierenpark Wassenaar. Samen met vriendje en buurjongen Hans K. rookte ik een pakje Silky. Twintig sigaretten voor 75 ouderwetse centen. We voelden ons hele binken.

Dertig jaar later, en nu inmiddels dertig jaar geleden, werden in de VS de eerste processen gevoerd tegen de tabaksfabrikanten. Nonsens dacht ik toen. Ik wist al bijna mijn hele leven dat roken slecht voor de gezondheid is. Wat hadden die rokers te klagen? Ze wisten immers waar ze aan begonnen.

De zaak zat anders in elkaar. Wat wij rokers allemaal niet wisten, was dat de sigarettenfabrikanten bewust verslavende middelen toevoegden aan hun product. Dat werd door die processen duidelijk. Niet werd duidelijk sinds wanneer ze dat deden. Zitten die additieven ook in de tabak van sigaren, pijp- en pruimtabak, want de fervente gebruikers van die producten moeten toch net zo verslaafd zijn (geweest) om tegen beter weten in te roken en pruimen?

Bénédicte Ficq, nooit vies van optreden in praatprogramma’s, heeft dertig jaar na die onthullende Amerikaans processen de ontdekking van haar leven gedaan: de tabaksindustrie stopt opzettelijk verslavende chemicaliën in hun waar.

Zal Heine dan toch gelijk hebben gehad toen hij beweerde dat in Nederland alles vijftig jaar later plaatsvindt? Hoewel nergens te vinden is waar Heine dat gezegd zou hebben, geldt voor oma Bénédicte Ficq blijkbaar wel dat ze een aantal jaren onder een steen geleefd heeft. Ze blaat nu te pas en te onpas, alsof ze met iets nieuws komt, dat die vermaledijde tabakboeren verslavende middelen toevoegen. Ons tjilpende advocaatje deed nog een ontdekking: de nicotinecriminelen maken minuscule gaatjes in de filters van de sigaretten waardoor laboratoria die testen naar de schadelijkheid van de peuken misleid worden. Wat een ontdekking van onderzoeksadvocaat Ficq.

Of toch niet? Bij mijn weten deden die tabakketiers helemaal niet geheimzinnig over die gaatjes. Na de uitvinding van de filters om roken minder ongezond te maken, werden die gaatjes juist door de fabrikanten in commercials aangeprezen om roken weer minder ongezond te maken. Er was vanuit de industrie dus openheid over de schadelijkheid van roken, daarom werden filters bedacht en daarom werden ook die gaatjes in de filters bedacht.

Juist door de introductie van filters en van later gaatjes in de zijkanten van de filters gaf de tabaksindustrie impliciet aan dat roken ongezond is. Daar moeten de advocaten van die industrie toch iets mee kunnen doen?

Allemaal nonsens natuurlijk die filters en gaatjes, want roken was, is en blijft schadelijk. Filters en gaatjes zullen roken nooit gezond maken. Vrijwel alle longproblemen zouden door de huisarts kunnen worden afgehandeld als er niet gerookt werd. Longspecialisten hebben hun werk voor 90% dankzij dat smerige roken.

Ik kan mij nog goed herinneren dat in het begin van het filtersigarettentijdperk fanatieke rokers de filters van de sigaretten afbraken, net zo goed als er ongetwijfeld rokers waren en zijn die heel bewust die gaatjes in de filters met hun vingers blokkeren. Sterker nog: ik heb dat in het verleden zelf gedaan omdat ik vond te weinig rook binnen te krijgen door die rotgaatjes. Ficq ziet dan anders: de naïeve rokers hebben die gaatjes helemaal niet door en drukken ze onbewust dicht. Bewijs dat maar eens voor de rechter Ficq. Daar zal je een hele kluif aan hebben.

Ik voorspel haar verweer: de fabrikanten moeten er voor zorgen dat die gaatjes niet dichtgedrukt kunnen worden. Ja, en autofabrikanten moeten er voor zorgen dat mensen niet roekeloos kunnen rijden en de alcoholindustrie moet er voor zorgen dat mensen niet teveel kunnen drinken. Wat een stalinistische betutteling.

Alle rokers die met deze slechte gewoonte begonnen, hebben net als ik verrekte goed geweten dat roken ongezond is, en hebben dankzij de processen in de VS sinds dertig jaar ook moeten weten dat in sigaretten verslavende toevoegingen zitten. Er is hier sprake van een zeer hoog gehalte eigen-schuld-dikke-bult, ondanks de krampachtige pogingen van Bénédicte Ficq met haar bevoogdende toontje rokers af te schilderen als willoze slachtoffers van de tabaksindustrie.

Ze schreeuwde gisteren met wijd open mond, je zou er zo een slof Marlboro in kunnen gooien, dat de tabaksindustrie “zich helemaal kapot lacht” dat we allemaal dat roken maar geaccepteerd hebben. Mevrouw is niet vies van melodrama.

Allemaal roken geaccepteerd? Dat geldt niet voor mijn ouders die in de jaren vijftig van de vorige eeuw mij al voorhielden dat roken heel slecht is.

Als Bénédicte Ficq deze redenatie door trekt naar andere, direct of indirect,  dodelijke verslavingen zoals autorijden, suiker- en alcoholconsumptie, of gebruik drugs in coffeeshops, dan zal ze onvoldoende tijd van leven hebben om tegen al deze verslavingscriminelen processen te voeren.

In haar onwetenschappelijke luidruchtigheid weet Ficq het zeker: roken is kwalijker dan alle andere verslavingen bij elkaar. Lijkt mij een bewering waar heel wat op af te dingen is.

Wat dacht ze van een proces tegen de publieke omroep die bijna dagelijks voor kinderbedtijd de consumptie van alcohol promoot in kookprogrammaatjes of zelfs speciale zendtijd geeft aan een griezeltje met aanstellerig alpinopetje en weerzinwekkende druipsnor die de consumptie van wijn aanbeveelt? Wat van alle films en series waar dag in dag uit alcohol genuttigd en gerookt (!) wordt. Laten we wel wezen: als Bénédicte Ficq consequent is, dan zijn niet alleen de fabrikanten, maar ook de dealers in al deze troep 100% schuldig.

Dus moet ze ook de groot- en detailhandel in rookwaar voor de rechter slepen met haar hysterische moord- en doodslag beschuldigingen. Ze zijn immers medeplichtig. Laat ze dan ook de reclamebureaus in haar procesgeilheid meenemen. De hele keten moet worden aangepakt zoals dat gebeurt in de verloren strijd tegen de handel in verboden drugs. De Nederlandse staat dient te worden aangeklaagd, want waar wordt meer verdiend aan tabakswaar en alcohol dan via de inning van belastingen?

Bénédicte Ficq heeft nog veel werk te verrichten.

Andy Warhol zei ooit dat er een overeenkomst is tussen pinda’s en publiciteit: als je er eenmaal aan begint kan je niet meer zonder. Dat geldt zeker voor Twitteradvocaat Bénédicte Ficq. Haar verslaving aan publiciteit leidt tot nonsensikale en vooral maternalistische, geldverslindende processen.

Volgens mij kan deze Sargentini van de advocatuur in haar eentje met gemak een vuilniszak vullen die zo snel mogelijk moet worden opgehaald door de gemeentereiniging.

Mr. Paul Papinianus, rechtbankverslaggever

 

 

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.