EXCUSES

Het kwaad in de wereld wordt mogelijk gemaakt door de zwijgers; liever een nat pak dan vol schaamte vanaf de kant toekijken

 

…En, zoals iemand die ‘houd de dief’ roept zich weinig aantrekt van de stijl van zijn geïmproviseerde toespraak, zo laat het mij ook volstrekt koud hoe men de manier zal beoordelen waarop ik mijn ‘houd de dief’ heb uitgeschreeuwd.

multatutli

“Volkert, waar ben je?” (Jesse, Rob, Femke, Lilian, Lodewijk waar zijn jullie nu?)


Corné Hanssen (Teacher Humanities, Philosophy and Religious Studies, Islam and Arabic) aan de universiteit van Utrecht – de man geeft les aan de bacheloropleiding Islam en Arabisch – riep woensdagavond toen de uitslagen van de verkiezingen bekend werden Volkert van der Graaf op Baudet te vermoorden.

Zijn “Volkert, waar ben je?” op Facebook kan niet anders uitgelegd worden.

In de week waarin een moslim in een Utrechtse tram een aantal mensen vermoordde, vindt een docent islam het nodig op te roepen tot moord op een Nederlandse politicus.

Ik zal maar niet de gemakkelijke weg kiezen en sarcastische opmerkingen maken over de ellende die wereldwijd veroorzaakt wordt door aanhangers van het geloof der liefde.

Waar zijn nu de beroepsverontwaardigden Jesse Klaver, Rob Jetten, Femke Halsema, Lillian Marijnissen, Lodewijk Asscher die zich deze week zo druk maakten over Baudet?

Het zou ze sieren ook nu vooraan in de rij te staan om een collega-politicus luidkeels te verdedigen tegen deze oproep tot moord.

Ik vrees dat Baudet binnen afzienbare tijd in dezelfde positie terecht komt waar Wilders al 15 jaar in verkeert: geheim adres en 24/7 bewaking.

Jesse, Rob, Femke, Lilian, Lodewijk waar zijn jullie?

B.G. Antonissen

Kunstproject waarbij Jeroen Eisinga met lijk Yaël Wolfs bevriest in wak Fins meer

Collega Simon Aernout Tire interviewde ‘kunstenares’ Yaël Wolfs juli 2016 naar aanleiding van een kunstproject waarbij Wolfs levende wormen hangend aan vishaakjes tentoonstelde. Actievoerders vernielden die installatie en de Maastrichtse kunstacademie waar Yaël Wolfs ‘studeerde’ reageerde verontwaardigd, want ‘de vrijheid van kunst’ etc. etc. blah blah blah.

Quasi artistieke smeerlapperij was het en pure dierenmishandeling. Aangifte bij de politie en straffe actie door het Openbaar Ministerie waren hier gerechtvaardigd. Dat was niet meer nodig, want Wolfs kwam hangend voor de Sterre der Zee in Maastricht aan een verdiend en gruwelijk einde. Een bloederige actie, maar alleszins begrijpelijk verzet tegen haar walgelijke mishandeling van wormen.

Wolfs staat niet alleen. Jeroen Eisinga kan er ook wat van. In 2012 smeet hij een schaap in dikke vacht op haar rug en filmde dat stikkende dier langdurig. Waarom? Omdat het Jeroen Eisinga gaat ‘om het mysterie van het leven‘. Ja, zo gaat dat in de kunst. Je gaat je te buiten aan dierenmishandeling en dekt dat dan toe met een paar middelbareschoolagendanepwijsheden. Het mysterie van het leven. Het zal wel. De kunstcritici smullen van deze ellende, en de man in de straat die hier geen bal van begrijpt, wordt volgens de kunstenmakers een spiegel voorgehouden en wakker geschut. Iedere keer wanneer ik hoor over die spiegel en dat wakker schudden, denk ik: “Als die kunstenmakers ergens in uitblinken dan is het wel in onbescheidenheid”.

Wat nou spiegel voorhouden en wakker schudden. Hoe aanmatigend kan je zijn.

Eén schaap treiteren was voor meneer Eisinga blijkbaar niet voldoende, want nu ging hij ongetwijfeld zwaar gesubsidieerd met een vrachtwagen vol schapen op pad naar het noorden van Finland. Daar werd in een meer een wak gemaakt met daar weer in een soort badkuip. Water in die kuip, twee dode schapen erin, boel dicht laten vriezen, weer een klein wak gemaakt waar via een pijpleiding water in stroomde en aan de rand van het wak 70 via een machine met sneeuw volgespoten schapen.

En dat alles dan een uur lang filmen.

Een absoluut meesterwerk? Welnee: dierenmishandeling en een CO2 voetafdruk waar een Nepalese Yeti jaloers op zal zijn. Deze ellende wordt vertoond in een museale omgeving onder de titel Nightfall, want een ordinaire Nederlandse titel is Eisinga natuurlijk te min.

De man wil met dit meesterwerk wereldroem vergaren.

Ik ga een inzamelingsactie – Bill Pijbes zou natuurlijk zeggen ‘crowdfunding’ – opzetten om een volgend kunstproject van de grond te krijgen: in hetzelfde bevroren meer waar Jeroen Eisinga zijn fantasieloze wanproduct maakte, zal een wak gegraven worden waar de restanten van het op te graven lijk van Yaël Wolfs ingevroren worden. Stukken van dat lijk moeten boven het ijs uitsteken. Naast de ingevroren Wolfs wordt weer een gat in het ijs gegraven waarin Jeroen Eisinga, stevig vastgemaakt in een dwangbuis, zo in het water wordt neergelaten dat zijn nek en hoofd nog net boven het water uitsteken. Een sneeuwmachine zal de sfeer verhogen en via een timelapse opname zal het langzame invriezen van Eisinga, tot de dood erop volgt, worden vastgelegd.

Mocht er iemand zijn die nu al Jeroen Eisinga tot de dood op wil sluiten in een vrieskist, dan beloon ik de dader met tien jaar lang gratis Magnum ijsjes.

Hanna Doeggen met medewerking van S. A. Tire

Korpschef Erik Akerboom doet een Halbe Zijlstra-tje

Korpschef: integriteitskwesties bij politie zijn klap in het gezicht

nos.nl/artikel/2275048-korpschef-integriteitskwesties-bij-politie-zijn-klap-in-het-gezicht.html

“Voor collega’s waarvan is vastgesteld dat ze de grens overschrijden, is in het korps geen plaats”, schrijft korpschef Erik Akerboom van de Nationale Politie in reactie op de aanhouding van een medewerker van de politie en twee andere incidenten met politiemensen deze week. Hij vindt dat dit soort problemen alle agenten raken die hun werk wel goed doen. “Elk incident is een klap in hun gezicht. “Akerboom laat weten dat de politie de komende tijd onderzoek doet naar de spookwoningen in Den Haag, ook naar de betrokkenheid van de beleidsmedewerker. Hij wordt verdacht van witwassen. Wanneer het strafrechtelijk onderzoek het toelaat, volgt volgens de korpschef ook een disciplinair onderzoek naar hem. ‘Politie moet zich aan wet houden’ “Integriteit is cruciaal voor de politie en daarom één van onze belangrijkste kernwaarden”, schrijft Akerboom, die ook wijst op de voorbeeldfunctie van de politie. “Wie de wet handhaaft, moet zich er zelf ook aan houden, daar sta ik voor. Gelukkig doen alle collega’s dat ook, een enkeling uitgezonderd.”

Volgens Akerboom is politiewerk mensenwerk, en maken mensen fouten. “Soms onbewust, maar helaas soms ook bewust. En het is goed dat we daar eerlijk en en transparant over zijn, en van leren om risico’s in de toekomst te verkleinen.”

Bij die laatste formulering van Akerboom moet ik ineens weer denken aan de man die geen fout maakte, maar door de mand viel als keiharde leugenaar: Halbe Zijlstra.

Halbe Zijlstra meende destijds zijn borstkloppende leugen over een weekend in de Datsja van Poetin eufemistisch een fout te mogen noemen. Dat liegen was geen fout, maar niets anders dan bewust liegen. Fouten maak je niet opzettelijk, of zoals Akerboom, Zijlstra imiterend, beweert: bewust.

De combinatie fout en bewust is een idiote combinatie. Wanneer je onbewust verkeerd handelt, dan bega je een fout. Handel je bewust verkeerd, dan ben je zoals in het geval Zijlstra een ordinaire leugenaar, of zoals in het geval van onbetrouwbare dienders een regelrechte crimineel. Dat is fout, maar is iets anders dan een fout maken.

Een diender die informatie doorspeelt aan criminelen maakt niet bewust een fout, maar maakt zich bewust schuldig aan crimineel handelen. Een diender die zich willens en wetens begeeft in een circuit van witwassen overtreedt de wet en doet dat niet onbewust, maar bewust.

Akerboom die het heeft over bewuste fouten, maakt hier een onbewuste denkfout.

Clifford Mead

De schoonheid van ons land

Begin jaren 80 van de vorige eeuw, het zal de zomer van 1979 of 1980 geweest zijn, stond ik iedere donderdag op de boekenmarkt aan het Haagse Voorhout. Een prachtige locatie. Ons land is niet rijk aan monumentale pleinen en lanen, maar dat Voorhout met zijn Paleis, Hotel des Indes, Pulchri Studio en uitspanning De Posthoorn nadert het monumentale, ondanks die onbenoembare maar intieme dorpse sfeer.

Ik stond op die boekenmarkt achter de kraam van John Aarden, een talentvolle boekhandelaar met lef. John durfde het betere, vaak duurdere, boek aan en had een heel goede neus voor de gretigheid van verzamelaars en kennis over allerlei verzamelonderwerpen. Een bijzondere man. Een wat eenzame man ook. Eigenlijk was John zelf ook verzamelaar. Hij kon vaak moeilijk afstand nemen van zijn boeken. Dat was in de prijs terug te zien. John overleed circa 2010. Ik was zijn spoor toen al lang bijster. Zag hem ooit nog nabij de markt in Rotterdam. Hij had een obese omvang gekregen. Een beer met rossig haar. Ik herinner mij nog de sproeten op zijn vlezige handen.

Niet veel later hoorde ik over zijn zelfmoord.

Op de boekenkraam van John lag in die vroege jaren 80 week in week uit het boek Houten Beelden uit de Contact-reeks De schoonheid van ons land. John zag de waarde van het boek, maar niet de waarde van dat boek als handelswaar. Hij vroeg een te hoge prijs.

Later kocht ik uit die reeks het boek Klederdrachten met foto’s van Cas Oorthuys en het deel Prenten en Tekeningen met de tekst van Van Gelder.

Onlangs kocht ik via Marktplaats de complete reeks van 18 delen voor de prijs van € 45,00. Vele kilo’s kloeke boeken, voor een schijntje.

Op Marktplaats worden tientallen losse delen van deze reeks aangeboden voor prijzen van rondom de vijf euro.

Het is mogelijk dat deze reeks een groot succes was toen hij uitgegeven werd. Ik weet dat niet. Schaars zijn de boeken in ieder geval niet. Dat kan komen door het succes destijds en doordat de oorspronkelijke kopers of hun erfgenamen massaal de boeken op de markt gooien, of misschien liet Uitgeverij Contact destijds veel te veel delen drukken.

Encyclopedische producties zoals De schoonheid van ons land zien tegenwoordig het daglicht niet meer. Hoogstens verschijnt er af en toe een reeks Verzamelde Werken van een beroemde schrijver. Volgens mij zijn dergelijke verzamelde werken zelden een succes. Wie leest Vestdijk nog? Is er een markt voor zijn verzamelde werken? Idem Couperus, Reve, Hermans. Niet lang geleden kocht ik wel nog tweedehands de verzamelde Karel van het Reve. Een fijn bezit. Waar je een van de deeltjes ook opslaat, er openbaart zich altijd een parel aan lectuur.

De verzamelde werken van broer Gerard kenden geen groot succes.

Naast de tussen 1946 en 1962 uitgegeven reeks De schoonheid van ons land, verwierf ik ook nog twee delen in kleiner formaat en wel Het landschap en De steden. Deze twee delen werden in 1941 uitgegeven, ook door uitgeverij Contact. Op de titelpagina van beide delen staat Geheel Herziene En Vermeerderde Uitgave.

Er moeten dus nog eerdere edities zijn. Dat wordt interessant, want Contact werd pas in 1933 opgericht. Staakte de publicatie van de reeks in 1941 vanwege de oorlog? Geen idee. Wanneer werd een eventuele eerdere reeks uitgegeven? Hoeveel delen? Allemaal vragen die ik nog door Contact beantwoord hoop te krijgen. Op het internet heb ik niets weten te vinden.

De reeks moet zo kort na de WWII een succes geweest zijn vanwege de inhoud, lof op de schoonheid van ons land (en Vlaanderen), ook al vraag ik mij af of er onder de bevolking voldoende geld was om zo’n prestigieuze boeken te kopen.

Fraai gepubliceerde boeken – het eerste deel uit 1946 heeft nog de oude spelling Vlaamsche (kunst) in de titel. Alles in zwart wit met uitzondering van een enkele afbeelding in Klederdrachten, het laatste deel dat in 1962 uitgegeven werd.

Alle andere boeken hebben alleen afbeeldingen in zwart-wit. De teksten zijn van gerenommeerde experts en van destijds belangrijke literatoren en dichters.

Hoewel de verkoper gisterenavond verbaasd was dat ik de boeken kocht om ze te lezen, ga ik daar de komende tijd nostalgisch gemotiveerd mee aan de slag.

Zal het mijn leeftijd (71) zijn waardoor ik ineens een sterke interesse heb in de Schoonheid van het verleden?

Bertus G. Antonissen

Klimaatspijbelaars weigeren deze zomer te vliegen naar vakantiebestemming

Zorgen over het klimaat, maar niet vliegen en minder lang douchen toch lastig

nos.nl/artikel/2274833-zorgen-over-het-klimaat-maar-niet-vliegen-en-minder-lang-douchen-toch-lastig.html

vrijdag 7 maart 2019

ANP

Het merendeel van de Nederlanders maakt zich zorgen over het klimaat, maar de meeste mensen nemen zelf geen maatregelen. Dat blijkt uit onderzoek van I&O Research in opdracht van Binnenlands Bestuur.

Mensen die het eigenlijk goed snappen, zich erover uitspreken en het kunnen betalen zijn het minst duurzaam.

: die mensen wonen meestal groter en verbruiken daardoor meer gas en elektriciteit, ze rijden vaker een grotere auto, ze vliegen vaker en eten meer vlees.” Dat vond ik wel de meest opvallende uitkomst”, zegt Kanne. “Mensen die het eigenlijk goed snappen, zich erover uitspreken en het kunnen betalen zijn het minst duurzaam.”

Jongeren zien de toekomst een stuk somberder in voor toekomstige generaties als ze denken aan het klimaat dan anderen. Maar jongeren kunnen zelf nog een hoop doen om hun CO2-afdruk te verkleinen. Zo vliegen zij vaker en verder dan ouderen, eten zij het meeste vlees en douchen zij het langst (gemiddeld 10 minuten per keer).

De langdouchers staan niet alleen zo lang onder de warme kraan omdat ze zich wassen, maar ze staan er ook te zingen, dagdromen, tandenpoetsen of hun gezicht, benen of lichaam te scheren.

Een gedragsverandering daarin is lastig, denkt Kanne. “Dat zijn allemaal dingen die we aangenaam vinden en de psyche is toch vrij zwak.”

De D66-kiezer is exemplarisch in dit onderzoek.

Opvallend zijn D66-aanhangers, die over het algemeen de meest duurzame opvattingen hebben, maar op de meeste gebieden verantwoordelijk zijn voor een bovengemiddelde CO2-uitstoot. D66-stemmers vliegen het vaakst (gemiddeld 1,1 keer per jaar, tegenover 0,8 keer gemiddeld). Ze voelen zich daar wel schuldiger over dan aanhangers van andere partijen en kopen ook vaker CO2-compensatie voor de uitstoot die veroorzaakt wordt door hun vluchten.

De hele ANP tekst is te lezen op:
nos.nl/artikel/2274833-zorgen-over-het-klimaat-maar-niet-vliegen-en-minder-lang-douchen-toch-lastig.html

Vlak voor de krokusvakantie trokken scholieren en masse naar het Malieveld in Den Haag. Ze spijbelden voor het klimaat. Dat demonsteren in schooltijd strookt helemaal met de bevindingen van de onderzoekers, dat jongeren zich wel zorgen maken over het klimaat, maar nauwelijks bereid zijn zelf inspanningen te verrichten om iets aan de klimaatproblematiek te doen.

Demonstreren? Ja graag, maar dan wel in schooltijd en niet in het vrije weekend en zeker niet tijdens de krokusvakantie, en daarnaast bovengemiddeld veel vlees eten, allemaal een smartphone, veel vliegreizen – heel populair dat ‘een jaartje voor jezelf’ en met je rugzak op naar Australië vliegen, want verder kan vanuit Nederland niet – en lekker lang je benen, oksels en schaamhaar scheren onder de douche.

Die klimaatspijbelende, demonstrerende jongens en meisjes kunnen veel aan het klimaat doen. Als ze nu eens beginnen met tegen mams en paps te zeggen dat ze echt niet meer dan eens per maand vlees willen eten; als ze nu eens beginnen met te fietsen naar school en die scooters te laten staan; als ze nu eens stoppen met dat 24/7 rommelen met de smartphone en vooral: als ze de rug rechten en tegen paps en mams zeggen dat ze deze zomer niet met het vliegtuig op vakantie willen en wanneer de trein geen optie is ze niet verder dan 500 km van huis in de auto weg willen.

Volgens het CBS studeren in Nederland ongeveer een miljoen jongeren in het voortgezet onderwijs. Als de helft daarvan bereid is meer te doen dan alleen maar klimaatspijbelen en demonstreren onder schooltijd, dan is in ieder geval in Nederland het klimaat daar fors mee geholpen.

B. G. Antonissen.

Ossip

We zitten vier weken in een natuurhuisje in Gelderland. Op landgoed Zelle nabij Hengelo, gemeente Bronckhorst.

Vier winterse weken in een verlaten bos. Er staan op enige afstand vier huisjes, maar we zijn de enigen. M, de hond en ik. Doodse stilte en sterren aan de hemel. Die zien we thuis, in Den Haag, bijna nooit meer. Het is weerkundig een unieke maand deze februari 2019. ‘s Nachts is er heel lichte vorst of temperaturen om het vriespunt. Overdag lijkt het lente met temperaturen tot 18 graden.

Ik nam een stapel boeken mee om mij te bevrijden van de continue gewetensnood over sneller kopen dan lezen van boeken. Ik hoopte de kloof tussen kopen en lezen te overbruggen, maar worstel me te langzaam door de biografie over Willem Wilmink. Vrijwel nooit leg ik een boek halfgelezen terzijde. Een dwangmatige trek van me. Als ik er eenmaal aan begonnen ben, moet ik het ook uitlezen ook al verdwijnt de motivatie tot lezen bijna geheel.

Gelukkig is er altijd nog de uitweg naar de televisie en vooral NPO Start Plus waardoor ik een keuze kan maken uit het rijke archief documentaires.

Vooral de reeks Close-up over kunst en cultuur. “Close Up zendt wekelijks de mooiste documentaires over architectuur, film, schilderkunst, fotografie, design, beeldhouwkunst, en mode uit.

Niet mijn tekst, maar die van Close-up.

En ik zag de afgelopen dagen enkele geweldige documentaires. Over Andrew Wyeth, Marceline Loridan-Ivens, Philip Seymour Hofman, Theo van Doesburg, Jean-Michel Basquiat (n.a.v. een genante TV presentatie door Hermitage directrice Broers), en vandaag  op zaterdagmorgen in alle vroegte over de Nederlandse kunstenaar Ossip.

Ik had nog nooit van Ossip gehoord, geef ik toe.

Na het zien van deze documentaire ben ik geen fan geworden van de man of zijn werk. Wel van de documentaire, want die was geweldig. Net alsof je een prachtige roman leest over familierelaties, egoïsme, tolerantie, liefde, miscommunicatie en volhardendheid.

De opmerking van Ossips vrouw dat hij geen lieve man is, was een schot in de roos. Helemaal geen lieve man. Integendeel. Hoe bewonderenswaardig eerlijkheid ook is, het is niet altijd nodig. De wijze waarop Ossip een galeriehoudster op een kunstbeurs schoffeert, is tegelijk stuitend en bewonderenswaardig. Hij heeft helemaal geen trek in de duidingen door de dame en vindt zich erdoor in verlegenheid gebracht. Een moment van herkenning voor mij. Ik heb dat gevoel ook altijd wanneer iemand het nodig vindt mij uit te leggen wat ik zie wanneer ik kijk naar kunst. Mij bekruipt dan ook altijd een ‘sodemieter op’ gevoel.

Ossips zoon maakt prachtige kleine polaroids. Hij heeft blijkbaar een talentvol oog. Als hij zijn polaroids op tafel legt, schoffeert vader zoon Tomas. “Ik weet niet wat ik zie, of wat ik hiermee moet, maar als jij het leuk vindt moet je er lekker mee verder rommelen”… Moeder stelt zich bescheiden op, dat doet ze de hele documentaire, en brengt voorzichtig in dat het nu ook weer niet nodig is de boel naar beneden te drukken.

Wat, zo vraag ik mij af, zou het voor Ossip betekenen wanneer Tomas tegen hem zou zeggen over het werk van Ossip: “Ik weet niet wat ik zie, of wat ik met je werk aan moet, maar als je het leuk vindt, moet je maar lekker door rommelen”. Die vraag zal ik nooit beantwoord krijgen, maar mijn inschatting is dat pa daar niet zo tolerant glimlachend op zou reageren als Tomas deed na de onsympathieke duiding door pa.

In de loop van de documentaire nam de irritatie bij mij toe, vooral toen Benno Tempel, directeur van Gemeentemuseum Den Haag, beter dan Ossip zelf meende te weten wat Ossip met zijn werk bedoelt en wat hem motiveert. De blik van Ossip, even opzij kijkend naar Tempel, sprak boekdelen. Even genant was de would-be artisticiteit van de volgevreten, archaisch langharige Geert Verbeke met zijn aanmatigende Verbeke Foundation. Helemaal gespeend van enige bescheidenheid en een dwerg naast Ossip.

Jan Snoek (1927- 2018), vader van Ossip, leefde tijdens het maken van de documentaire nog. Er werd bij Verbeke een gezamenlijke tentoonstelling van Jan en Ossip voorbereid. Vader trachtte Geert Verbeke en Ossip uit te leggen hoe hij die tentoonstelling voor zich zag. Die boodschap kwam niet over en Verbeke en Ossip wisselden een blik van verstandhouding achter smans rug waar het ‘laat-die-oude-maar-lullen’ vanaf straalde. Bij het verlaten van de Verbeke Foundation werd een fragment getoond dat de lading van deze documentaire helemaal dekte: vader Jan Snoek en zoon Ossip staken tegelijkertijd een betoog af. Beiden helemaal op zenden en niet op ontvangen gericht.

Het was duidelijk: geen van beiden tot luisteren naar de ander bereid.

Een aanrader deze documentaire. Wat mij betreft minder vanwege het fröbelen door Osssip, maar vooral om de meesterlijke wijze waarop de interacties binnen dit kunstenaarsmilieu wordt getoond.

Een meesterwerk door regissseur Anduo Lucia.

 

Bertus G. Antonissen

 

 

Mijn kinderen kunnen wat mij betreft de bof, difterie, kinkhoest, polio of de mazelen krijgen

In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw was Jan Blokker (1927-2010) een van mijn favoriete columnisten. Zijn columns zetten mij aan het denken. Vaak miste ik echter een duidelijk standpunt in zijn columns omdat ze een gehakketak waren tussen diverse invalshoeken.

In één column nam Blokker wel een duidelijk standpunt in. Hij ergerde zich kapot aan het christelijk-fundamentalistische wereldje in Nederland waar ouders weigerden hun kinderen te laten inenten tegen ziektes. In die column was Blokker boos, zeer boos. In boosheid steeg zijn verbale kracht.

De laatste zin uit die column: “Je zult mij niet horen protesteren als ze er morgen de mariniers op afsturen”, was mij uit het hart gegrepen, ook al vermoedde ik dat Blokker geen voorstander was van de daad bij dit woord. Ik overigens ook niet.

Hij verwees hier naar de Jannen die ooit de Dam in Amsterdam ‘schoonveegden’ van het langharige, werkschuwe tuig dat daar dag en nacht bivakkeerde.

Die mariniersactie steunde Jan Blokker niet.

Zijn column Verschil over de inentingsweigeraars in mijn voormalige lijfblad De Volkskrant knipte ik uit en hij sierde vele jaren de binnenzijde van mijn toiletdeur:

Eind januari 2002, iets meer dan drie maanden voor de moord op Pim Fortuyn, schreef Blokker in De Volkskrant: “Pim Fortuyn is definitief de Mussolini, de Duce, van de eenentwintigste eeuw geworden en men zal op zoek moeten naar een betrouwbaar onderduikadres. Bij de vorige Duce duurde het drieëntwintig jaar vóór hij ondersteboven werd opgehangen aan een benzinepomp aan de Zwitserse grens.”

Daarmee schaarde Blokker zich op pijnlijke manier binnen de gelederen van griezel Marcel van Dam die Fortuyn in het programma Lagerhuis “een buitengewoon minderwaardig mens” noemde, rijkeluiszoontje en 100% salonsocialist Paul Rosenmöller en de over zijn verkiezingsverlies gefrustreerd uit Nederland gevluchte Ad Melkert.

Fortuyn, professor sociologie, wist vele malen beter dan de Blokkers, Van Dammen, Rosenmöllers of Melkerts aan het meningvormende firmament welke ontwikkelingen zich in onze maatschappij voordeden en wat ons te wachten stond.

Fortuyn was visionair. Hij vreesde eind jaren 90 al dat de toestroom van niet tot integratie bereide migranten uit fundamentalistische culturen zou leiden tot een geïsoleerde onderklasse en uiteindelijk tot terrorisme.

Voorspellingen die Van Dam en Blokker, en velen met hen, een gruwel waren. Voorspellingen die al te vaak uitgekomen zijn.

In de tijd van Fortuyn had het tij nog gekeerd kunnen worden.

Waarom deze oprakeling van historie?

Omdat samenzweringsparanoïde ‘denkertjes’ nu kiezen voor het standpunt van de fundamentalistische Christenen op de Veluwe en Zeeuws-Vlaanderen, en weigeren hun kinderen in te laten enten. Ze citeren maar wat graag uit een oud, inmiddels wetenschappelijk volledig onderuitgehaald onderzoek dat kinderen door die inentingen autistisch zouden kunnen worden. Mocht autisme erfeijk zijn, dan is de kans aanzienlijk groter dat die kinderen autisme erfen van hun kokerkijkende ouders dan dat ze autistisch worden van inentingen.

We leven in een wereld waar de overheid zich selectief mengt in de persoonlijke levenssfeer en veiligheid van de burgers omdat die persoonlijke levenssfeer raakvlakken heeft met het algemeen welzijn en de algemene veiligheid.

Op brommers en motoren moet je een helm op en in de auto moet je een gordel dragen. Hou je je niet aan die regel dan wacht de toorn van justitie je en word je beboet. Bouw je je huis niet volgens de veiligheidsvoorschriften uit het Bouwbesluit: boete.

Zit je peuter niet veilig in een gecertificeerd kinderzitje in de auto: boete.

Kijk, en daar wringt volgens mij een schoen. Als ouders hun kinderen geheel onnodig blootstellen aan bof, difterie, kinkhoest, polio of de mazelen, dan houdt de overheid zich afzijdig en vindt die weigering een privézaak van de ouders. Maar wanneer diezelfde ouders hun peuters zonder beschermend stoeltje in de auto plaatsen, krijgen ze een boete.

Wat is het principiële verschil? Ik zie het niet.

Je mag je kind dus blootstellen aan de gevaren van allerlei enge ziektes, maar niet aan de gevaren van het verkeer.

Wie kan mij dat uitleggen?

Overigens: wie kan mij tevens uitleggen dat we in onze maatschappij toestaan dat het mes gezet wordt in de geslachtsdelen van kinderen omdat zulks gebeurt op grond van een of andere woestijnfantasie? Die mishandeling is dan onderdeel van de vrijheid van godsdienst.

Hoezeer ik me nu, 17 jaar later, nog steeds erger aan Blokkers vergelijking van Fortuyn met Mussolini omdat hij zelfs onverholen pleitte voor het ophangen van Fortuyn, ben ik het helemaal met hem eens wat zijn mening betreft over de inentingsweigeraars: “Je hoort mij niet protesteren als ze er morgen de mariniers op afsturen”.

Wat mij betreft mogen die mariniers meteen doormarcheren naar alle griezels die prevelend over een gefantaseerde god het mes zetten in piemel of vagina van hun kroost.

Paul Papinianus

Aanvulling 5 maart 2019:

https://nos.nl/artikel/2274625-nieuwe-grote-studie-onderschrijft-vaccinaties-veroorzaken-echt-geen-autisme.html

Slecht onderzoek van geroyeerde wetenschapper

Ondanks het omvangrijke wetenschappelijke bewijs dat het tegendeel bewijst zijn er wereldwijd mensen die beweren dat er een link is tussen vaccinatie en autisme. Het zaadje hiervoor werd in 1998 geplant door de Britse arts Andrew Wakefield. Later werd zijn onderzoek teruggetrokken, onder meer omdat Wakefield de data had vervalst. De arts werd vervolgens geroyeerd, hij mocht zijn beroep niet meer uitoefenen.

Toch zijn er de laatste jaren wereldwijd steeds meer mensen die hun kinderen niet laten vaccineren omdat ze bang zijn voor autisme. De gevolgen daarvan zijn zo groot dat Unicef afgelopen vrijdag waarschuwde dat er wereldwijd een “alarmerende” toename is van het aantal kinderen met mazelen.